In mijn jeugd hadden we tradities, en ik was dol op onze oudejaarsrituelen. Een van de hoogtepunten was de zalmsalade die mijn moeder maakte. Het was eigenlijk een eenvoudige salade, maar de presentatie en het samenzijn maakten het bijzonder. Ze gebruikte botersla als basis op een mooie schaal, waarover de zalmsalade werd verdeeld:

  • 1 blikje roze zalm
  • ½ rode ui, fijn gesnipperd
  • 2 augurken, in kleine blokjes
  • 4 augurkjes als garnering
  • 1 eetlepel kappertjes
  • 2 takjes dille, fijngehakt
  • 2 takjes verse peterselie, fijngehakt
  • een klein handje bieslook
  • ½ citroen of limoen, uitgeperst
  • 1.5 eetlepel mayonaise
  • 1 eetlepel (Griekse) yoghurt
  • 1 theelepel mosterd
  • 1 theelepel (gerookt) paprikapoeder
  • 4 hardgekookte eieren, in kwarten gesneden
  • 8 kleine tomaatjes gehalveerd

De zalm werd uitgelekt, geprakt, en gemengd met de fijngehakte ingrediënten. Daarna voegden we de mayonaise, yoghurt, mosterd, citroensap en paprikapoeder toe. Alles werd zachtjes door elkaar geroerd tot een smeuïge salade. Op de botersla werd de salade rijkelijk uitgestreken, versierd met gehalveerde augurken, kleine tomaatjes en kwartjes gekookt ei.

Ik vond het geweldig om mijn moeder in de keuken te helpen. Ze noemde me altijd haar ‘keukenprinses’ en zei dat mijn handen alles nog lekkerder maakten. Ik geloofde haar vol overtuiging en hielp enthousiast mee. Mijn vader ging ondertussen vuurwerk halen: een paar mooie sier pijlen en sterretjes, die mijn broer en ik “koud vuur op een stokje” noemden. Hij bracht ook gerookte zalm, paling en makreel mee van viswinkel Everleens, die nog steeds dezelfde heerlijke producten maakt.

Het hoogtepunt van oudejaarsdag was voor mij echter het bakken van oliebollen en appelbeignets. Mijn moeder en ik maakten bakken vol beslag, want er werd volop gedeeld. Mijn ouders waren ontzettend gastvrij en het huis stroomde vaak vol met vrienden en buren. Het oliebollenbeslag werd op kamertemperatuur weggezet om te rijzen, en ik vond het magisch om te zien hoe het deeg verdubbelde. Voor de appel- en bananenbeignets maakten we een apart beslag.

Twee pannen met olie op het vuur, en het bakken kon beginnen. De geur vulde het huis, en ik heb zulke warme herinneringen aan die momenten. Tegenwoordig bak ik nog steeds oliebollen en appelbeignets met liefde, maar wel buiten in de buitenkeuken om te voorkomen dat het huis er dagen naar ruikt. De visschotel maak ik niet meer – in de Bourgogne kan ik niet zomaar naar Everleens – maar de zalmsalade staat elk jaar op tafel.

Op nieuwjaarsdag keken we altijd naar het Nieuwjaarsconcert, met nog wat oliebollen en appelflappen erbij. Ik was betoverd door de muziek, de prachtige jurken en de grandeur van het concert. Mijn ouders zijn er helaas niet meer, maar ik koester onze tradities en draag ze met trots verder.

Deze oudejaarsavond bak ik opnieuw oliebollen met een dikke laag poedersuiker en maak ik appel- en bananenbeignets. Om middernacht plopt de champagne open en drink ik op mijn ouders. Vuurwerk mis ik niet; hier in de Bourgogne is het rustig en dat vind ik prima.

Op 1 januari maak ik steevast groentesoep, net zoals ik vroeger samen met mijn moeder deed. Misschien om wat balans te vinden na de overvloed aan eten tijdens de feestdagen – dat besef ik nu pas.

Ik wens jullie allemaal een prachtige jaarwisseling en een gezond, creatief 2025, vol lekkere baksels en kookpannen gevuld met heerlijke ingrediënten. Hieronder deel ik mijn recepten voor oliebollen en appelbeignets, zodat jullie ook een vleugje van mijn traditie kunnen proeven.

Recept: perfecte oliebollen

Ingrediënten:

  • 500 ml lauwe halfvolle melk
  • 500 g bloem
  • 1 zakje gedroogde gist (7 g)
  • 4 eetlepels lichtbruine basterdsuiker
  • 1 ei
  • Snufje zout
  • 1 fles zonnebloemolie (voor het bakken)
  • Optioneel:
    • 200 g krenten (15 minuten wellen in water)
    • 2 appels (bij voorkeur goudrenetten, in kleine stukjes)

Bereiding:

  1. Voorbereiden:
    • Laat de krenten 15 minuten wellen in warm water. Giet ze daarna af.
    • Meng de gist en suiker door de lauwe melk en laat dit 5 minuten staan totdat het begint te schuimen.
  2. Beslag maken:
    • Zeef de bloem in een grote beslagkom en voeg een snufje zout toe.
    • Giet langzaam de melk met gist bij de bloem terwijl je roert. Gebruik een mixer met deeghaken of een garde om het beslag glad te kloppen.
    • Klop het ei erdoor. Als je krenten of appelstukjes gebruikt, schep deze dan voorzichtig door het beslag.
  3. Rijzen:
    • Dek de kom af met een vochtige theedoek en laat het beslag 60 minuten rijzen op kamertemperatuur. Het beslag moet in volume verdubbelen.
  4. Bakken:
    • Verhit de zonnebloemolie in een diepe pan of frituurpan tot 180 °C.
    • Gebruik twee met olie ingevette lepels (of een ijslepel) om bollen beslag in de hete olie te laten glijden. Zorg dat je de pan niet te vol doet; bak meerdere oliebollen in kleine porties.
    • Laat de oliebollen aan beide kanten goudbruin bakken, keer ze regelmatig. Dit duurt ongeveer 6 minuten.
    • Haal de oliebollen uit de pan en laat ze uitlekken op keukenpapier.
  5. Serveren:
    • Bestrooi de oliebollen rijkelijk met poedersuiker en serveer warm.

Tips voor de perfecte oliebol

  1. Lekkere twist: Laat de krenten eens wellen in rum in plaats van water voor een verrassend aroma.
  2. Rijzen: Zorg dat het beslag op kamertemperatuur rijst. Te warm? Te veel luchtbellen. Te koud? Te weinig rijzing.
  3. Appelsoort: Gebruik goudrenetten voor oliebollen met appel. Deze stevige, frisse appels houden hun structuur en smaak perfect.
  4. Beslag hanteren: Het beslag is plakkerig. Gebruik daarom lepels die je invet met olie om het beslag gemakkelijk te scheppen.
  5. Bewaren:
    • Bewaar oliebollen tot 3 dagen in een afgesloten zak of doos.
    • Vries ze in voor maximaal 2 maanden. Opwarmen? Doe ze na ontdooien een paar minuten in een voorverwarmde oven.

Recept: appel- en bananenbeignets volgens Oma’s traditioneel recept

Mijn appel- en bananenbeignets zijn een eerbetoon aan de recepten van mijn moeder en oma. Ze zijn zo verrukkelijk dat ik er niets aan heb veranderd. Perfect knapperig van buiten, heerlijk zacht en fruitig van binnen—dit is een tijdloze lekkernij die je moet proberen!

Ingrediënten

Voor het beslag:

  • 125 g zelfrijzend bakmeel
  • 125 ml melk
  • 1 ei
  • 1 snufje zout

Voor de appels:

  • 3 appels (bij voorkeur goudrenetten)
  • 1 theelepel kaneel
  • Zonnebloemolie (voor frituren)

Voor het suikerlaagje:

  • 100 g suiker
  • 1 eetlepel kaneel
  • 1 zakje vanillesuiker

Bereidingswijze

  1. Olie voorbereiden:
    Verwarm de olie in een pan of frituurpan tot ongeveer 180 graden. Zet een bord of kommetje klaar en meng de suiker, kaneel en vanillesuiker voor het suikerlaagje.
  2. Maak het beslag:
    Doe het zelfrijzend bakmeel in een kom. Voeg de melk beetje bij beetje toe en meng goed met een garde tot een glad beslag. Roer vervolgens het ei en een snufje zout door het beslag.
  3. Bereid de appels:
    Haal met een appelboor het klokhuis uit de appels en schil ze. Snijd de appels in ringen van ongeveer 0,5 cm dik. Bestrooi de ringen met een beetje kaneel voor extra smaak.
  4. Frituren:
    Doop de appelringen in het beslag en laat het overtollige beslag eraf druipen met behulp van een vork. Leg de ringen voorzichtig in de hete olie. Bak ze in 3 tot 4 minuten goudbruin, en draai ze halverwege om.
  5. Suikerlaagje:
    Haal de beignets direct uit de olie en rol ze meteen door het suiker-kaneelmengsel voor een heerlijk zoet laagje. Laat ze iets afkoelen op een bord met keukenpapier.
  6. Serveer:
    Bestrooi de appelbeignets vlak voor het serveren met poedersuiker voor een feestelijke touch. Geniet van deze smakelijke traktatie terwijl ze nog warm zijn!

Tips

  • Voor een extra twist: voeg bananen, in de lengte gehalveerd, toe aan het beslag en frituur ze op dezelfde manier.
  • Bewaren: bewaar de beignets maximaal 3 dagen in een afgesloten bakje. Warm ze kort op in de oven voor een vers effect.

Met dit eenvoudige, maar onweerstaanbare recept breng je een vleugje nostalgie en traditie in je keuken. Geniet ervan met familie en vrienden!