In de stilte van het voedselbos vertellen zelfs de kleinste bloemen hun verhaal — en soms smaken ze verrassend pittig
Tussen het frisse lentegroen van mijn voedselbos in de Bourgogne bloeit een bijzondere bloem: de pinksterbloem. Met haar roze/lila bloemetjes en verfijnde, pittige smaak lijkt ze misschien onschuldig, maar deze bloem is een echte smaakmaker én vol geschiedenis.
Wat is een pinksterbloem eigenlijk?
Latijnse naam:Cardamine pratensis
Familie: Kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
Nederlandse naam: Pinksterbloem
Franse naam:Cresson des prés
Engelse naam:Cuckoo flower of Lady’s smock
De naam pinksterbloem is eigenlijk misleidend. Je zou denken dat ze met Pinksteren bloeit, maar de meeste pinksterbloemen zie je al vanaf half april verschijnen – zeker hier in de Bourgogne, waar de lente vaak net iets vroeger inzet. In Nederland en België is ze helaas zeldzamer geworden, maar hier groeit ze nog volop!
De Engelse naam “cuckoo flower” verwijst naar het verschijnen van de bloem rond de tijd dat de koekoek voor het eerst roept. In Frankrijk noemt men haar “weidekervel”, wat haar voorkeur voor vochtige graslanden verraadt.
Wat maakt de pinksterbloem zo bijzonder?
Smaak: zachte radijs, met een licht pittige bite
Eetbaar: bloemetjes, blaadjes én jonge stengels
Rijk aan vitamine C en mosterdolie-verbindingen
Waardplant voor het oranjetipje (vlindersoort)
Receptidee: Dipsaus met pinksterbloemen
Ingrediënten:
Handvol jonge pinksterbloemblaadjes en bloemetjes
2 el volle yoghurt of plantaardige variant
1 tl citroensap
Snuf zout & peper
Eventueel: geraspte radijs of een kneepje honing
Bereiding:
Meng alle ingrediënten tot een frisse dip. Heerlijk bij rauwkost, brood of een krokante cracker.
Pien op smaakreis…
Pinksterbloemen zijn niet alleen een lust voor het oog, maar ook een verrassende toevoeging aan mijn lentemenu. In mijn voedselbos in de Bourgogne ontdek ik elke dag weer nieuwe smaken en verhalen.
Meer inspiratie? Volg mijn blogs en ontdek hoe je zelf op smaakreis kunt gaan – met bloemen, kruiden en groenten uit de natuur.
Eén van mijn meest favoriete plekken is de natuur van de Bourgogne. Moeder Aarde geeft hier zoveel moois — zoals deze ochtend, toen ik velden vol geurige daslook vond: een teken dat de lente echt begonnen is. Daslook is niet alleen een smaakmaker, maar ook een schat voor onze gezondheid. In dit blog neem ik je mee op mijn pluktocht, vertel ik je meer over de bijzondere voordelen van daslook én deel ik mijn favoriete recept: zelfgemaakte daslookpesto!
Daslook (Allium ursinum), ook wel berenlook genoemd, is niet alleen verrukkelijk, maar ook bijzonder gezond.
Daslook staat bekend om haar ontsmettende werking op het spijsverteringsstelsel – maag, lever en darmen profiteren van haar krachten. Daarnaast helpt daslook preventief tegen hart- en vaatziekten:
het bevordert een goede bloedstolling,
gaat aderverkalking tegen,
en verlaagt de bloeddruk.
Dankzij haar ontstekingsremmende eigenschappen biedt daslook ook verlichting bij verkoudheid en andere kwaaltjes. Geen wonder dat bruine beren na hun winterslaap graag daslook eten om hun darmen te reinigen!
Koken met daslook
Daslook is heerlijk veelzijdig:
Rauw in salades
Versnipperd over een warme soep
Verwerkt in kruidenboter
Gemixt tot groene pesto
Hoewel daslook naar knoflook smaakt, geeft het geen vervelende geur achteraf – ideaal dus voor wie van een volle smaak houdt zonder de nadelen.
Let op!
Daslook lijkt sterk op het giftige meiklokje en de herfsttijloos. Controleer bij het plukken altijd op de typische geur: kneus een blaadje tussen je vingers – ruik je knoflook, dan zit je goed!
Recept: Daslookpesto
Ingrediënten:
75 g cashewnoten
100 g verse daslook
100 g Parmezaanse kaas (geraspt)
half teentje knoflook
75 ml olijfolie
1 tl citroensap
Zwarte peper naar smaak
Bereidingswijze:
Rooster de cashewnoten kort in een droge koekenpan en laat afkoelen.
Maal de daslook fijn in een keukenmachine, of met een vijzel.
Voeg de kaas, half knoflook teentje, cashewnoten en olijfolie toe en mix tot de gewenste structuur.
Breng op smaak met citroensap en versgemalen peper.
Heerlijk op brood, door de pasta of als smaakmaker bij een kaasplankje! een schepje door de aardappelen, soep, pizza en zelfs op een wrap.
*Wil je dat je pesto zijn mooie kleur en verse smaak behoudt? Dek hem dan af met een dun laagje olijfolie!
Daslook bewaren
Wil je het hele jaar door genieten van deze heerlijke smaakmaker? Droog de daslook zorgvuldig, hak hem fijn of pers hem. Zo heb je altijd een beetje Bourgogne binnen handbereik.
De beste plek om geluk te zaaien, is in je eigen moestuin. 🌱
Persoonlijke noot: Wij hebben paarden, en wie paarden heeft, heeft mest. Gelukkig is dat geen last, maar een zegen voor onze tuin. Zonder er echt bewust mee bezig te zijn, merkten we hoe goed alles groeit op onze compost en paardenmest.
Een mooi voorbeeld is mijn vijgenboom, die ik vorig jaar voor mijn verjaardag kreeg. In de Bourgogne doen vijgenbomen het goed, maar jonge exemplaren zijn gevoelig voor vorst. Ik heb de bodem rondom afgedekt met een dikke laag stro, en zo kwam de boom prachtig en probleemloos de winter door.
Ook mijn moestuinbakken profiteren van onze compostbak, waar ik groente- en fruitafval in gooi. Tot mijn verrassing vond ik afgelopen seizoen een overvloed aan aardappelen in een van de bakken—hoogstwaarschijnlijk afkomstig van een paar oude knollen die ik ooit op de compost gooide. Verder bleken pompoenen geweldig te groeien op goed verteerde paardenmest, en zelfs mijn wilde appelboompjes gedijden er uitstekend op.
Verse paardenmest gebruik ik nooit direct, maar na ongeveer zes maanden composteren is het een fantastische voedingsbodem. Zelfs het stro uit het kippenhok krijgt een tweede leven in de moestuin. En het resultaat? Een tuin die groeit, bloeit en elk seizoen weer verrast. 🌿✨
In de moestuin draait alles om een gezonde bodem. Wie een duurzame en voedzame manier zoekt om de grond te verbeteren, kan perfect werken met stro, hooi en paardenmest. Deze natuurlijke materialen zorgen voor een vruchtbare bodem, minder onkruid en een betere vochthuishouding. Maar hoe en wanneer gebruik je ze het beste?
Stro & hooi in de moestuin 🌾
Stro en hooi worden vaak als mulchlaag gebruikt in de moestuin. Ze beschermen de grond tegen uitdroging en onderdrukken onkruidgroei. Maar er is een verschil:
Strois armer aan voedingsstoffen en wordt langzaam afgebroken, ideaal om te mulchen rond tomaten, courgettes en aardbeien.
Hooi bevat meer voedingsstoffen en trekt sneller wormen en bodemleven aan, maar kan zaden bevatten die weer onkruid geven.
Wanneer gebruiken?
In het voorjaar als mulchlaag om uitdroging te voorkomen.
In de winter om de bodem te beschermen tegen kou en erosie.
Paardenmest: zwarte goud voor je moestuin🐴💩
Paardenmest is een fantastische voedingsbron voor de moestuin, rijk aan stikstof en organisch materiaal. Het stimuleert het bodemleven en verbetert de structuur van de grond.
Wanneer en hoe gebruiken? ✔ Verse mest – Niet direct op de planten! Moet eerst 6-12 maanden composteren. Perfect voor de winterrust in de moestuin. ✔ Gecomposteerde mest– Ideaal in het voorjaar, vóór het planten van groenten als pompoenen, kool en aardappelen. ✔ In combinatie met stro – Geeft een luchtige en voedzame compost, ideaal voor vruchtgewassen.
Voordelen van deze natuurlijke materialen🌿
✅ Voedt de bodem op een natuurlijke manier ✅ Vermindert waterverdamping en houdt vocht vast ✅ Stimuleert een gezond bodemleven ✅ Houdt onkruid onder controle
Door slim gebruik te maken van stro, hooi en paardenmest, creëer je een natuurlijke en vruchtbare moestuin waar je planten optimaal in kunnen groeien. Een methode die niet alleen goed is voor de planten, maar ook voor de natuur! 🌍💚
Met geduld, aarde en een beetje liefde, groeit er altijd iets moois.🌿✨
Gebruik jij al stro of mest in je moestuin? Deel je ervaringen! 🌱👇
En als extratje: heb je wat stro over maak er dan een stro popje van. Lange stootjes minimaal 20 cm lang dubbel vouwen; bovenaan creeer je een hoofdje dmv een touwtje, teken twee ogen en een mond, om het bosje bovenaan vast te knopen, verdeel daarna het lijf in drieen een dikke pluk en aan weerzijde 2 dunne plukken dat zijn de armen, zet de armen aan het einde vast met een touwtje, maak een buik en verdeel daaronder 2 benen. Ik heb mijn stro poppetetje aangekleed, hij heeft een broek en een hesje dat is wel even friemelen. Op de foto kan je goed zien hoe je zo’n poppetje kan maken
In de moestuin werk je niet alleen met je handen, maar ook met je hart
Vandaag was een productieve zaterdag in de moestuin. We hebben flink gewerkt, vooral schoonzoonlief, want het was een zware klus: de moestuinbakken die bij de kippen stonden, moesten worden verplaatst. Geen gevaarlijke groenten voor de kipjes, maar ze pikten werkelijk overal in. Dus bakken leegscheppen, terrastegels eronder verplaatsen en alles weer opbouwen op een nieuwe plek. De kippen waren in hun nopjes, want onder de bakken en tegels krioelde het van dikke, vette wormen—een waar feestmaal voor ze. Hun snaveltjes zaten al snel onder de modder, maar dat mocht de pret niet drukken.
Tussen de aarde vonden we ook een paar eieren. Met de bekende ‘water in een kom’-test bleek dat ze ongeveer een week oud waren. Perfect, want op zondag krijgen alle dieren hier een eitje, dus deze extra vondst komt goed van pas.
Voor ons geen wormen op het menu, maar wel een klein feestmaal na het harde werken: een frisse salade, warme worstenbroodjes en als afsluiter een zelfgemaakte île flottante. Dat recept deel ik snel, want het is zo’n heerlijk en eenvoudig toetje—en zó Frans!
Fijne avond allemaal!
Na een dag vol werk en gezelligheid is er niets beter dan goed eten—worstenbroodjes, met een groene salade en île flottante als kroon op de dag
Maart fluistert de belofte van de lente—een nieuw begin, vol groei en kleur. 🌿☀️
Maart lonkt naar de prille lente—takken, struiken en bomen vormen hun eerste knoppen, en de tuin begint voorzichtig kleur te krijgen. Mijn scharrelkipjes genieten van de langere dagen, wat betekent: nóg meer scharreluurtjes! 🐓💛
De moestuin handschoenen kunnen weer aan. In mijn moestuin start de voorbereiding op het nieuwe seizoen. Wat kun je nu doen? 🌱 Zaaien: Spinazie, radijs, sla en tuinbonen kunnen al de grond in. 🌷 Snoeien: Rozen en lavendel knip je nu bij voor een sterke groei. 🍓 Verzorgen: Aardbeienplanten ontdoen van oude bladeren en een laagje compost geven. 🌼 Bemesten: Geef de borders en moestuinbedden een boost met organische mest.
Maart is een maand vol belofte—de tuin ontwaakt, en met een beetje zorg leg je de basis voor een prachtig groeiseizoen! 🌿✨
In maart kun je zowel binnen als buiten al verschillende groenten, kruiden en bloemen voorzaaien. Hier zijn enkele goede opties:
🌱 Binnen (op de vensterbank of in een kasje):
Tomaten 🍅
Paprika’s 🌶️
Pepers 🌶️
Aubergines 🍆
Komkommers 🥒
Courgettes 🎃
Pompoenen 🎃
Prei 🧅
Selderij 🌿
Buiten (in koude bak of direct in de grond bij zacht weer):
Tuinbonen 🌱
Spinazie 🍃
Radijsjes 🔴
Sla 🥬
Rucola 🌿
Wortelen 🥕
Peterselie 🌿
Bieslook 🌱
🌸 Binnen voorzaaien:
Zinnia’s 🌼
Leeuwenbekjes 🌸
Cosmea 🌿
Lavendel 💜
Zonnebloemen 🌻
Goudsbloemen 🌼
🌿 Buiten direct zaaien (bij mild weer):
Klaprozen 🌺
Korenbloemen 💙
Vingerhoedskruid 🌿
Zaai vandaag, geniet morgen—de lente begint in jouw handen!
Voor mij is het altijd een uitdaging én een plezier om van eenvoudige, betaalbare ingrediënten iets heerlijks te maken. Vandaag waren dat râpés de pommes de terre. Dit gerecht is verrassend makkelijk te bereiden, zeker met een mandoline of keukenmachine om de aardappelen te raspen. Zorg dat je het vocht goed uit de rasp wringt, bijvoorbeeld met een schone theedoek, en kies een iets kruimige aardappel voor het beste resultaat. Ik keer mijn aardappelkoek met behulp van een groot bord, zodat beide kanten gelijkmatig garen – hoe langer je bakt, hoe krokanter en goudbruiner het wordt. Je kunt ook kleinere koekjes maken voor een speelse twist!
De râpés de pommes de terre, het Franse equivalent van de Zwitserse rösti, is een eenvoudig maar smaakvol gerecht met diepe wortels in de Europese keuken. Hoewel rösti oorspronkelijk uit Zwitserland komt, hebben verschillende landen hun eigen varianten van deze heerlijke aardappelkoek ontwikkeld. In Frankrijk is het gerecht vooral bekend in de Auvergne en omliggende regio’s, waar het een geliefde manier is om aardappelen op een hartige, knapperige manier te bereiden.
Deze aardappelkoekjes waren historisch gezien een gerecht van de boerentafel, ontstaan uit de noodzaak om voedzame, vullende gerechten te maken met simpele ingrediënten. Door de jaren heen heeft dit gerecht zijn populariteit behouden, niet alleen door zijn eenvoud, maar ook door de eindeloze mogelijkheden voor variatie – zoals de toevoeging van kruiden, kaas of knoflook.
In Frankrijk wordt het vaak geserveerd als bijgerecht bij vlees of vis, maar het kan ook prima als hoofdgerecht met een frisse salade. En zoals ik het hebt gemaakt, met geraspte kaas en aromatische kruiden, wordt het een ware delicatesse.
Recept voor râpés de pommes de terre met Franse twist
Ingrediënten
800 g iets kruimige aardappelen
1 klein ei
1 teentje knoflook (fijngehakt of geraspt)
1 eetlepel bloem
50 g geraspte gruyère
50 g geraspte emmentaler
Verse groene kruiden naar smaak (bijvoorbeeld peterselie of tijm)
Zout en peper
Plantaardige olie of boter om in te bakken
Bereidingswijze
Aardappelen voorbereiden Schil de aardappelen en rasp ze grof. Als je de aardappelen vooraf wast, zorg er dan voor dat ze goed droog zijn voor het raspen. Spoel de geraspte aardappelen niet meer af, want het zetmeel zorgt voor binding. Knijp ze eventueel een beetje uit om overtollig vocht te verwijderen.
Meng de ingrediënten Doe de geraspte aardappelen in een kom en voeg het ei, knoflook, bloem, geraspte kaas en de fijngehakte groene kruiden toe. Breng op smaak met zout en peper. Meng alles goed door elkaar tot een samenhangend mengsel.
Koekjes vormen Verwarm een pan met een dun laagje olie of boter. Neem een lepel van het mengsel en vorm platte koekjes in de pan. Druk ze licht aan met een spatel zodat ze gelijkmatig bakken.
Bakken Bak de koekjes op middelhoog vuur gedurende 3-4 minuten per kant, of totdat ze goudbruin en knapperig zijn. Zorg ervoor dat ze volledig gaar zijn van binnen.
Serveren Serveer de râpés de pommes de terre warm als bijgerecht of als hoofdgerecht met een frisse salade. Je kunt er een frisse yoghurtdip of appelcompote bij serveren voor een zoete twist.
Goudbruin, zalig!
De tekening erbij
Bak op een zacht tot middenhoog vuur
Voeg kruiden en ingrediënten toe
Maak ze droog
Rasp de rauwe aardappelen
Een culinaire klassieker met een persoonlijke touch
Dit gerecht is een perfecte balans tussen eenvoud en verfijning, en met jouw toevoeging van gruyère en emmentaler krijgt het een authentieke Franse twist. Door de veelzijdigheid van râpés de pommes de terre kun je blijven experimenteren – met andere kazen, kruiden of zelfs groenten zoals courgette of wortel. En vergeet niet, de charme van dit gerecht zit niet alleen in de smaak, maar ook in de rustieke eenvoud waarmee het is gemaakt.
Warm jezelf op met de volle smaken van geroosterde pompoen en wortel – de perfecte herfstsoep voor kortere dagen
Lies en ik werken veel uren voor ons bedrijf CoukoeLifestyle, maar één Franse gewoonte hebben we graag overgenomen: we eten warm tussen de middag. Vandaag stond deze verrukkelijke pompoen-wortelsoep op het menu, gemaakt met groenten grotendeels uit onze eigen moestuin – hoe luxe en makkelijk is dat! De herfst in de Bourgogne brengt niet alleen een prachtige kleurenpracht, maar ook koelere dagen, perfect om te genieten van een verwarmende soep. Het roosteren van de groenten geeft de soep een extra diepe, zoete smaak en een zachte, fluweelachtige textuur. Door de karamelisatie komen de natuurlijke smaken van de pompoen en wortel nóg beter tot hun recht, en zo wordt elke lepel een pure traktatie van het seizoen.
Het recept: ingrediënten en bereidingswijze
Ingrediënten:
1 middelgrote pompoen, geschild en in blokjes gesneden
3 wortels, geschild en in stukjes gesneden
1 ui, grof gesneden
3 teentjes knoflook, ongepeld
1,5 liter groentebouillon
1 eetlepel olijfolie
1 theelepel komijnpoeder
1 theelepel paprikapoeder
Een snufje chilipoeder (optioneel)
Zout en peper naar smaak
100 ml room of kokosmelk
Verse kruiden, zoals peterselie of koriander, ter garnering
Bereiding:
Voorverwarmen: Verwarm de oven voor op 200°C.
Groenten roosteren: Leg de pompoen, wortels, ui en knoflookteentjes (in de schil) op een bakplaat. Besprenkel met olijfolie, komijnpoeder, paprikapoeder, zout en peper. Rooster de groenten in de oven voor ongeveer 25-30 minuten, tot ze zacht en licht gekarameliseerd zijn.
Bouillon bereiden: Verwarm ondertussen de groentebouillon in een grote pan.
Knoflook schillen: Haal de geroosterde knoflook uit de schil en voeg toe aan de geroosterde groenten.
Soep maken: Doe de geroosterde groenten in de pan met de hete bouillon. Laat dit 5-10 minuten zachtjes koken om de smaken samen te laten komen.
Pureren: Pureer de soep met een staafmixer of blender tot een gladde soep. Voeg de room of kokosmelk toe en meng goed.
Op smaak brengen: Proef en breng op smaak met extra zout, peper of chilipoeder, afhankelijk van je smaak.
Serveren: Garneer met verse kruiden en eventueel een scheutje extra room. Serveer de soep met een stuk knapperig brood.
Tip: Deze soep is perfect voor een herfstige lunch of diner, en je kunt hem ook makkelijk van tevoren maken. Geniet van de diepe, warme smaken van de geroosterde pompoen en wortel!
De bereidingstijd voor de Herfstsoep van Geroosterde Pompoen en Wortel is ongeveer 45 minuten (inclusief roosteren).
Dit recept is voldoende voor 4 tot 6 personen, afhankelijk van de portiegrootte.
Vers uit eigen boomgaard – een tartelette met een vleugje joie de vivre en puur moestuingeluk
Even een hapje tussendoor – ik maak altijd extra veel, voor onverwachte visite én zodat ik zelf wat vaker kan proeven 😉 Dit alles in mijn prachtige buitenkeuken, waar de aangename herfsttemperaturen het mogelijk maken om heerlijk buiten te koken, bakken en genieten!
Vandaag heb ik weer mijn vertrouwde CoukoeLifestyle keukenschort aangetrokken om heerlijke vijgentaartjes te maken. Ook mijn frambozenplant blijft maar frambozen geven, wat ik natuurlijk helemaal niet erg vind! Dus besloot ik er ook wat frambozen bij de vulling te doen – die voeg ik trouwens pas na het bakken toe, voor extra frisheid.
De crumble maakt deze vijgentaartjes echt onweerstaanbaar. Ik maak altijd een dubbele lading, want die is hier favoriet. We gebruiken het op alles: in de yoghurt, over zondagse pannenkoekjes, en als ik heel eerlijk ben, snoep ik soms stiekem een klein handje uit de luchtdichte bak waarin ik het bewaar. Als je het goed opbergt, blijft de crumble heerlijk vers en knapperig.
Ondanks de vele regen en de slakken in het voorjaar, doen mijn vijgen en frambozen het fantastisch goed. Dat betekent volop vijgentaartjes, vijgenjam en zelfs chutney, soms gecombineerd met frambozen. Het recept van deze heerlijke vijgentaartjes komt rechtstreeks uit ons eigen CoukoeLifestyle Kookboek– een perfect weekendtaartje, simpel te maken en ongelooflijk lekker. En eerlijk gezegd ook doordeweeks onweerstaanbaar!
Eigenlijk zijn deze taartjes heel eenvoudig en vragen ze niet eens om een ingewikkeld recept. Begin met een rol vers bladerdeeg, bij voorkeur roomboter. Sorry voor alle lijners, maar roomboter maakt deze taartjes echt zoveel lekkerder! Snijd het deeg in vieren en vouw de buitenste randen naar binnen. Druk ze plat en bewerk de randen met een vorkje, zodat er een mooi patroontje ontstaat. Prik gaatjes in het midden van het deeg.
Maak een mengsel van suiker, vanillesuiker en een vleugje kaneel (mijn favoriete combinatie). Als je niet van kaneel houdt, kun je het gerust weglaten. Strooi dit mengsel over de deegflapjes.
Ik ben gezegend met een overvloed aan fruit in mijn tuin, dus plukte ik verse vijgen en frambozen. Was de vijgen en snijd ze in kwarten. Omdat mijn vijgen vrij groot zijn, gebruik ik één vijg per taartje. Leg de vijgenkwarten op het deeg en bestrijk de randen met losgeklopt eigeel voor een mooie, goudbruine kleur. Strooi vervolgens nog wat van het suikermengsel over de vijgen en bak de taartjes ongeveer 20 minuten op 180 graden, of tot het deeg goudbruin is. Na het bakken voeg ik een handje verse frambozen toe en strooi ik crumble over de taartjes voor extra smaak en textuur.
De vijgen geven tijdens het bakken wat vocht af, wat de smaak alleen maar intenser maakt doordat het in de poreuze bodem trekt. Voor deze heerlijke taartjes heb je nodig: vers bladerdeeg, suiker, vanillesuiker, kaneel, een eitje, verse vijgen en eventueel frambozen.
En nu de herfst zijn intrede doet – een zalig seizoen – kun je eindeloos variëren. Vervang de vijgen bijvoorbeeld door appelschijfjes. Ik bak ze kort in de koekenpan met een beetje honing uit de Morvan, wat ze heerlijk zacht maakt. Voeg wat kaneel en speculaaskruiden toe voor een extra warme smaak. Peren met walnoot zijn ook een geweldige optie, maar peren geven wel wat meer vocht af. Om dat op te vangen, kun je een dun laagje maizena of custard over de bodem strooien.
Extra lekker worden de taartjes met een topping van crumble. Dit kruimeldeeg maak je heel eenvoudig zelf en je kunt het naar wens grof of fijn maken. Hoewel je de crumble mee kunt bakken op het taartje, bak ik het liever apart voor die extra knapperigheid.
Optioneel: 40 gram fijngehakte noten zoals pecan, amandel, hazelnoot of walnoot (bij voorkeur vers uit eigen tuin)
2 theelepels specerijen (zoals speculaas, kaneel of gingerbread)
Een goede snuf zout
Ik werk graag met mijn handen voor dit deeg. Doe alle ingrediënten in een kom en voeg koude boter in kleine blokjes toe. Wrijf de boter tussen je vingers en meng het met de overige ingrediënten tot een stevig, maar kruimelig deeg. Het deeg zal uiteindelijk net wel of net niet samenhangend worden – en dat is precies goed. Je bepaalt zelf hoe grof of fijn je de kruimels wilt.
Wil je de crumble los bakken? Verspreid de kruimels over een met bakpapier beklede bakplaat en bak ze 12-15 minuten op 180°C (boven- en onderwarmte), of tot ze goudbruin zijn. Het resultaat? Heerlijke, knapperige kruimels die je taartjes naar een hoger niveau tillen!
De is in volle gang in de Bourgogne en brengt talloze mooie momenten, buiten eten, frisse salades, heerlijk gevulde groenten, fruit van de barbecue, en citroen-lavendel limonade, alles “à la maison” gemaakt met groenten en fruit uit eigen moestuin. Eieren van de eigen kipjes en de cider is gemaakt van de appels uit onze boomgaarden. Ik verheug me erop om zomer recepten te delen zoals de verrukkelijke aubergine dip die in Zuid-Frankrijk geserveerd wordt bij kikkererwten crêpes, de klassieke pissaladière, en het eenvoudige maar o zo lekkere tomaten-taartje. Geniet van de zomer, de smakelijke maaltijden, elkaars gezelschap, een glas gekoelde rosè of een verfrissende citronnade. Leef en vier de dagen, zomerse groetjes van Lies en Philippine.
Vandaag was het weer tijd voor een van mijn favoriete keukenavonturen: jam maken. De Fransen noemen dit ‘confiture’, en met mijn overvloed aan fruit uit eigen tuin is het bijna een logische stap om dit heerlijke goedje zelf te bereiden. Hoewel de nectarines van vandaag niet uit mijn eigen tuin kwamen, waren ze onweerstaanbaar zoet, zij het een beetje overrijp – perfect voor jam!
Dit recept is eenvoudig, maar allesbehalve standaard. Ik voeg een beetje aleppopeper toe aan de mix, wat een verslavend lekkere kick geeft aan de zoetheid van de nectarines. Als je geen fan bent van pittig, kun je de peper natuurlijk weglaten.
Ingrediënten:
1 kilo rijpe nectarines
1 limoen (sap en rasp)
750 gram geleisuiker
2 theelepels aleppopeper
Bereidingswijze:
Bereid je fruit voor: was de nectarines, snijd ze in stukjes van 2 cm, verwijder de pit en rasp de schil van de limoen.
Doe de nectarinestukjes in een pan met dikke bodem, voeg limoensap, geleisuiker, limoenrasp en aleppopeper toe. Laat het mengsel 15 minuten staan, roer regelmatig.
Breng de jam aan de kook en laat het 10 minuten doorkoken, verwijder dan het schuim dat bovendrijft.
Pureer de jam naar gewenste consistentie, vul steriele potten tot aan de rand en sluit ze direct. Zet de potten op hun kop voor een optimale houdbaarheid.
Laat de potten 4 uur afkoelen. Na opening moet de jam in de koelkast bewaard worden.
Geniet van deze heerlijke toevoeging aan je ontbijttafel of als cadeau voor vrienden en familie!”
Aleppo peper, ook bekend als Halaby peper, is een matig pikante chilipeper afkomstig uit de Syrische stad Aleppo. Het is een variëteit van de Capsicum annuum. Traditioneel worden de pepers ontpit, in de zon gedroogd en grof gemalen tot vlokken. Vervolgens worden ze gemengd met zout en olijfolie, wat helpt bij het conserveren en de smaak versterkt.
Aleppo peper staat bekend om zijn helderrode kleur en een smaakprofiel dat aards en matig heet is. Het kenmerkt zich niet alleen door de hitte, maar ook door een unieke fruitige zurigheid, wat het enigszins vergelijkbaar maakt met zongedroogde tomaten. Deze specerij is populair in de Midden-Oosterse en Mediterrane keukens en kan in een verscheidenheid aan gerechten worden gebruikt om diepgang en een milde scherpte toe te voegen.