Vanmorgen scheen het Bourgondische zonnetje door mijn keukenraam naar binnen, en van zo’n Frans zonnetje raak ik bijna buiten zinnen. Vol liefde maakte ik een zalig zondagsochtendontbijt – eieren met dooiers vol oranje maïskleur van mijn eigen geliefde kippen, broodjes, gebakken in boter om in de dooiers te dippen, en de verrukkelijke jam op precies het juiste formaat brood – niet te klein en niet te groot, gemaakt met aardbeien uit eigen tuin, zo rood en vol smaak, dat iedereen ervan smult, dat is altijd raak.
Fijne zondag allemaal, geniet van het “belle vie, O, la la oui, oui”.
De lente in Frankrijk ontwaakt met geuren en smaken die het hart verwarmen—een zonovergoten tafel, een krokante taart en de zoete zachtheid van gekarameliseerde uien.
Prachtige uien uit mijn moestuin van vorig jaar en een zonnige lentedag in de Bourgogne… wat past daar beter bij dan een echte Franse klassieker? Ik krijg vaak berichtjes van bezoekers die vragen naar traditionele Franse recepten, en vandaag deel ik er een die simpel, smaakvol en tijdloos is: de Franse uientaart.
Ik geloof in de kracht van eenvoud. Te veel ingrediënten kunnen de puurheid van een gerecht verstoren, terwijl een paar goed gekozen smaken juist de magie creëren. Dit recept heeft weinig nodig: een paar mooie uien, een beetje geduld en wat liefde voor de keuken.
Aan de slag!
Je hebt 4 grote uien (of 6 kleintjes) nodig – ik gebruik mijn eigen, zorgvuldig bewaarde exemplaren uit de moestuin. Schil ze en snijd ze in flinterdunne ringen, met een scherp mes of mandoline. Verhit een scheut olijfolie in een koekenpan en bak eventueel wat spekjes, maar zonder spek is de taart net zo heerlijk. Voeg de uienringen toe, samen met 2 eetlepels balsamicoazijn, 2 eetlepels honing, zout, flink wat peper en tijm.
De sleutel tot succes? Geduld. Laat de uien op laag vuurminstens een half uur zachtjes karamelliseren, af en toe roerend, tot ze fluweelzacht en heerlijk zoet zijn. Zelfs kinderen smullen hiervan, want de scherpe uiensmaak verdwijnt volledig. Dek de pan vervolgens af en laat het mengsel nog even nastoven. Verwarm de oven voor op 180 graden.
In de tussentijd bak ik een rol bladerdeeg blind voor in een taartvorm (26 cm). Prik de bodem in, leg er bakpapier en bakbonen op en bak 10 minuten op 180°C. Zo krijgt de bodem een voorsprong en blijft hij lekker krokant.
De afwerking
Als het deeg is afgekoeld, breng ik een dun laagje mosterd gemengd met een beetje honing aan. Daarna verdeel ik het uienmengsel gelijkmatig over de bodem. Is het te vochtig? Laat het dan eerst even uitlekken in een vergiet.
Bak de taart nog 20 à 25 minuten op 180°C, tot het bladerdeeg goudbruin en knapperig is. Wil je variëren? Voeg eens geitenkaas toe, extra tijm of een andere kaas naar keuze. Maar ik houd het simpel – puur genieten.
Straks wordt dit onze lunch, met een frisse groene salade en misschien zelfs een glaasje Zuid-Franse rosé erbij… Bon appétit! 🍷✨
*Wil je de taart vegetarisch maken? Vervang de spekblokjes of tonijn door sappige champignons en verkruimelde feta – een heerlijke combinatie!
*deze uientaart heeft veel weg van de klassieke “Pissaladière”, een specialiteit uit Zuid-Frankrijk, met name uit de Provence en de Côte d’Azur. De traditionele pissaladière wordt gemaakt met gekarameliseerde uien, ansjovis en zwarte olijven op een broodachtige deegbodem.
Mijn versie, met bladerdeeg en spekjes of tonijn, is een eigen draai aan deze Franse klassieker en lijkt ook op andere regionale varianten. De toevoeging van honing en balsamico geeft een subtiele zoetheid die perfect past bij de zachte uien. Een heerlijke Bourgondische interpretatie van een Zuid-Franse favoriet! 😊
Smaak is de echo van het seizoen—en in deze Franse lente proeven we eenvoud, verfijning en puur genot in elke hap.”
Hoefsmid Jeroen is weer geweest, en de paarden zijn weer netjes gepedicuurd. Het voorjaar hangt in de lucht: een stralend blauwe hemel, nauwelijks wind en geen neerslag. ’s Nachts kan het nog licht vriezen, maar overdag stijgt de temperatuur gestaag. Volgende week wordt het zelfs nog warmer! Een sweater met een bodywarmer of vest is nu voldoende, en dat voelt heerlijk licht na al die winterlagen. Want wie veel loopt, weet hoe onhandig dikke kleding kan zijn.
Met dit mooie weer had ik zin om iets lekkers te bakken. Eigenlijk stond chocolademousse op de planning, maar zonder de juiste slagroom – en geen zin om een lange autorit te maken – werd het een goed alternatief: brownies. Brownies zijn simpel en vrijwel onmogelijk te laten mislukken. Mijn versie krijgt een extra twist met een topping van walnoten of cashewnoten (idee; een handje kersen door het beslag voor een fruitige verrassing)
Recept: smeuïge brownies met noten
Ingrediënten
175 g pure chocolade (van goede kwaliteit)
150 g gezouten roomboter
125 g kristalsuiker
125 g lichtbruine basterdsuiker
1 zakje vanillesuiker
150 g zelfrijzend bakmeel
½ tl zout
3 middelgrote eieren + 1 eidooier
Handje kersen (optioneel)
Walnoten of cashewnoten voor de topping
Bereidingswijze
Voorbereiding: Verwarm de oven voor op 180°C. Vet een bakvorm in en bekleed de bodem met bakpapier. Brownies zijn plakkerig, daarom kies ik liever een gewone bakvorm dan een siliconenvorm.
Smelten: Smelt de boter en chocolade au bain-marie. Zorg ervoor dat de kom niet direct het hete water raakt, om te voorkomen dat de chocolade verbrandt.
Mengen: Meng de gesmolten chocolade met de droge ingrediënten (suikers, bakmeel en zout).
Eieren kloppen: Klop de eieren en eidooier los en voeg ze toe aan het beslag. Meng alles goed door elkaar tot een egaal geheel.
Extra’s toevoegen: Roer de kersen voorzichtig door het beslag en strooi de noten erover.
Bakken: Giet het beslag in de bakvorm en bak de brownies ongeveer 30 minuten in de voorverwarmde oven. De brownies mogen nog een beetje smeuïg zijn van binnen.
Laat de brownies even afkoelen voordat je ze in stukken snijdt. Heerlijk met een kop thee of koffie – en misschien zelfs buiten in het eerste lentezonnetje. Geniet ervan! ☀️🍫
Kies goede kwaliteit chocoladeZo gaan de brownies de voor verwarmde oven inOp het bordjeVerrukkelijk
Vandaag 5 februari is de geboortedag van André Citroën, geboren in 1878 in Parijs. Hij was de eerste Europese fabrikant die auto’s aan de lopende band produceerde en maakte auto’s financieel aantrekkelijker voor het publiek.
Een pionier in de autowereld Als je aan Citroën denkt, denk je aan innovatie en eigenzinnigheid. André Citroën was een visionair die de Europese auto-industrie voorgoed veranderde. Geïnspireerd door Henry Ford, introduceerde hij als eerste in Europa de lopende bandproductie. Dit betekende dat auto’s sneller en goedkoper geproduceerd konden worden, waardoor ze toegankelijker werden voor een breed publiek. Citroën werd al snel een merk voor de massa, zonder in te leveren op design en technische vernieuwing.
De legendarische 2CV: ontworpen voor boeren, geliefd door iedereen Een van de meest iconische modellen ooit is zonder twijfel de Citroën 2CV, beter bekend als de “Lelijke Eend”. Dit compacte, eenvoudige autootje werd in 1948 gelanceerd met één doel: Franse boeren moesten ermee over hobbelige landwegen kunnen rijden, zonder dat de eieren die ze vervoerden zouden breken. Wat begon als een bescheiden boerenauto, groeide uit tot een cultklassieker die wereldwijd miljoenen harten veroverde. Vandaag de dag is de 2CV een gewild verzamelobject, en veel liefhebbers rijden er nog steeds met trots in rond.
Citroën en de Eiffeltoren: een reclamecampagne van formaat Citroën heeft niet alleen indruk gemaakt met zijn auto’s, maar ook met zijn marketing. In de jaren ’20 en ’30 verlichtte het merk de Eiffeltoren met maar liefst 250.000 lampen, waarmee de naam “Citroën” in gigantische letters te zien was. Dit was destijds de grootste lichtreclame ter wereld en bevestigde Citroëns reputatie als een merk dat durfde op te vallen.
Net zoals Citroën een pionier is in innovatie en design, is de Franse keuken een wereldleider in culinaire creativiteit. Als we het hebben over iconen van vakmanschap, kunnen we een verrassend verband trekken tussen de ingenieuze ontwerpen van Citroën’s iconische auto’s, zoals de 2CV, en de verfijnde smaken van Franse gerechten. Neem bijvoorbeeld de beroemde Franse quiche Lorraine, een gerecht dat zowel eenvoud als vakmanschap combineert – net als de voertuigen die Citroën heeft gecreëerd. In dit recept voor een klassieke quiche Lorraine ontdekken we de kunst van balans, net zoals Citroën balanceerde tussen technische vernieuwing en stijl.
Het recept van de quiche Lorraine staat ook in mijn kookboek “Franse familie recepten”, toch maak ik hem elke keer net weer even anders maar dat maakt kooken en bakken juist zo leuk. Vandaag heb ik bij het recept wat uien en ham gedaan, de quiche is heerlijk geworden.
Quiche Lorraine is een heerlijke Franse hartige taart, perfect voor elke gelegenheid. Begin met het voorverwarmen van de oven op 180°C en vet een quichevorm in. Bekleed de vorm met een rol kant-en-klare deeg of maak zelf deeg en prik er wat gaatjes in met een vork. Bak het deeg blind (bedekt met bakpapier en bakbonen) gedurende 10 minuten, haal het uit de oven en verwijder de bakbonen.
Voor de vulling, bak 150 gram spekblokjes in een pan totdat ze goudbruin zijn. Meng in een kom 3 eieren, 200 ml room, zout, peper en een beetje nootmuskaat. Voeg de spekjes toe aan het eimengsel en giet het over de gebakken deegbodem. Bak de quiche 30-35 minuten tot de vulling stevig is en licht goudbruin. Laat iets afkoelen voor het serveren en geniet van deze klassieke Franse lekkernij!
Op 2 februari vieren veel Franse families en vrienden La Fête de la Chandeleur, een feest van licht en overvloed. De dagen lengen, de nachten wijken, en volgens traditie bakken we crêpes—flinterdunne pannenkoekjes die met hun gouden kleur en ronde vorm symbool staan voor de zon en voorspoed. ✨🥞
Er hoort ook een leuk ritueel bij: de eerste crêpe moet je met je rechterhand omhoog gooien, terwijl je in je linkerhand een munt vasthoudt. Vang je hem netjes op? Dan brengt dat geluk voor het komende jaar!
Chandeleur heeft diepe historische wortels. Oorspronkelijk was het een heidens feest dat later door paus Gelasius I werd gekoppeld aan Maria Lichtmis, veertig dagen na Kerstmis. Kaarsenprocessies maakten plaats voor crêpes, gemaakt van het laatste meel van het oogstjaar—een teken van overvloed. Ik ben dol op dit soort rituele!
Of je nu vasthoudt aan de traditie of gewoon van pannenkoeken houdt: Ik heb vanmorgen al pannenkoeken gebakken, en jullie?🥞😊
Recept voor flinterdunne crêpes:
✨ Flinterdunne Franse crêpes recept 🥞🇫🇷
Ingrediënten (voor ca. 10-12 crêpes)
250 g bloem
500 ml melk
3 eieren
1 eetlepel gesmolten boter (+ extra om te bakken)
1 eetlepel suiker (optioneel, voor zoete crêpes)
1 snufje zout
1 theelepel vanille-extract (optioneel, voor zoete crêpes)
Bereidingswijze
Beslag maken: Klop de eieren los in een kom. Voeg de bloem, melk, gesmolten boter, zout en eventueel suiker en vanille toe. Klop met een garde of mixer tot een glad beslag zonder klontjes.
Laat het beslag rusten: Dek de kom af en laat het beslag 30 minuten rusten voor een betere textuur.
Bakken: Verhit een beetje boter in een koekenpan op middelhoog vuur. Giet een dun laagje beslag in de pan en draai de pan rond zodat het beslag mooi uitvloeit. Bak ongeveer 1 minuut tot de randen loslaten, draai de crêpe om en bak nog 30 seconden.
Herhalen: Bak zo alle crêpes en stapel ze op een bord.
Heerlijke vullingen 🍫🍯🍓
Zoet: Nutella, honing, jam, vers fruit, slagroom, kaneelsuiker
Een taart met een verhaal De galette des rois, ofwel de driekoningentaart, is een heerlijke traditie die zijn oorsprong vindt in de viering van Driekoningen, een christelijke feestdag. Deze taart wordt traditioneel gemaakt van bladerdeeg en gevuld met frangipane – een rijke amandelcrème met ingrediënten als amandelen, suiker, roomboter en eieren. Voor extra smaak worden soms ingrediënten als bruine rum, citroenschil of banketbakkersroom toegevoegd.
Bruine rum, gerijpt op eikenhout, geeft een diepe en stevige smaak aan de taart. Het perfecte ingrediënt voor een koninklijk dessert!
De feestdag Driekoningen Driekoningen wordt traditioneel gevierd op 6 januari, twaalf dagen na Kerstmis. Wanneer deze dag niet op een zondag valt, wordt de feestdag vaak verplaatst naar de eerste zondag van januari. Dit gebruik stamt uit een tijd waarin gelovigen niet op doordeweekse dagen naar de mis mochten. Tegenwoordig wordt de galette des rois echter de hele maand januari gegeten – en in sommige supermarkten zelfs het hele jaar door verkocht.
De geschiedenis achter de galette des rois De traditie van de galette des rois heeft een diepe betekenis. Het feest verwijst naar de zoektocht van de drie koningen, Caspar, Balthasar en Melchior, naar de nieuwe koning van het Joodse volk. Geleid door een heldere ster, kwamen ze uiteindelijk aan in Betlehem, waar ze Jezus in een kribbe aantroffen.
Vanaf de 14e eeuw werd aan de taart een boon toegevoegd als symbool voor nieuw leven. Later werd de boon vervangen door een muntstuk of amandel, en sinds de 19e eeuw bevat de taart vaak een porseleinen beeldje, in Frankrijk bekend als een fève.
Een kroon voor de koning of koningin Wie het beeldje in zijn of haar taartpunt vindt, mag zichzelf voor één dag koning of koningin noemen en de bijgeleverde papieren kroon dragen. Volgens traditie kiest het jongste kind blind wie welke punt krijgt, zodat de verrassing eerlijk verdeeld wordt.
In vroeger tijden werd er een extra taartpunt gesneden voor een dakloze of hulpbehoevende. Een mooie herinnering aan de oorsprong van dit feest: delen en verbinden.
Regionale variaties In het zuiden van Frankrijk kent men een andere versie van de taart: een kransvormige brioche met oranjebloesem en gekonfijt fruit. De Besançon galette uit het Jura-gebergte wordt gemaakt van boterdeeg en suiker, en staat ook wel bekend als de comtoise galette. In het zuidoosten van Frankrijk wordt de la pogne du Dauphiné, een brioche in kroonvorm met oranjebloesem, niet alleen met Driekoningen, maar ook met Pasen gegeten.
Een gewaarschuwd mens… Pas op bij het eten van de galette des rois: een te enthousiaste hap kan een onverwachte ontmoeting met het porseleinen beeldje opleveren! Maar de beloning is groot, want wie het beeldje vindt, mag niet alleen de kroon dragen, maar ook genieten van het idee even koning of koningin te zijn.
Galette des Rois!
Dus, of je nu kiest voor de traditionele bladerdeegtaart of een regionale variant, de galette des rois is meer dan een lekkernij – het is een stukje Franse cultuur op je bord!
Galette des Rois: een makkelijk en heerlijk Recept
De galette des rois is een heerlijke traditie, en zelf maken is eenvoudiger dan je denkt. Mijn versie met frangipane is favoriet bij bijna iedereen. Een porseleinen beeldje en een papieren kroon maken het feest compleet – deze kun je eenvoudig online vinden, bijvoorbeeld via Amazon.
Wat heb je nodig voor één galette des rois?
2 rollen bladerdeeg (bij voorkeur met roomboter, vers en op kamertemperatuur)
100 gram suiker (mix van: 50 g rietsuiker, 40 g fijne witte suiker, 10 g vanillesuiker)
100 gram roomboter (op kamertemperatuur)
140 gram gemalen amandelen
2 scharreleieren
1 eigeel
Optioneel:
Beetje melk
Citroenschil (goed schoongeboend, alleen het gele deel)
Bruine rum
Snufje zout
Extra vanillesuiker
1 porseleinen beeldje en een papieren kroon
Bereidingswijze
Verwarm de oven voor op 200°C (boven- en onderwarmte) en bekleed een bakplaat met bakpapier.
Maak de frangipane: Meng in een ruime schaal de gemalen amandelen, suiker, 2 eieren, roomboter, en naar smaak optionele ingrediënten zoals zout, rum en citroenrasp. Roer tot een egaal mengsel.
Bereid het bladerdeeg: Rol de bladerdeegvellen uit en zorg voor twee cirkels van ongeveer 20-24 cm doorsnede. Leg één cirkel op het bakpapier en prik er met een vork een paar gaatjes in.
Vullen: Verdeel de frangipane over de deegcirkel, maar laat rondom ongeveer 1,5 cm vrij. Leg het beeldje willekeurig in de frangipane.
Afdekken en decoreren: Klop het eigeel los met een beetje melk (optioneel). Bestrijk de randen van de onderste deegcirkel met dit mengsel en leg de tweede deegcirkel erbovenop. Druk de randen stevig aan. Maak een klein gaatje in het midden zodat de lucht kan ontsnappen. Kerf een patroon in het deeg met een mes of satéprikker, zonder door het bladerdeeg heen te snijden.
Afbakken: Bestrijk de bovenkant met het eigeelmengsel en bak de galette in ongeveer 30 minuten goudbruin en krokant.
Een dag Koning of Koningin
Degene die het beeldje in zijn of haar taartpunt vindt, mag zichzelf voor één dag Koning of Koningin noemen. Maak een kroontje van dun karton of gebruik een papieren kroon voor extra plezier.
Persoonlijke tips
Ik gebruik zelf geen rum, maar voeg wel citroenrasp toe voor een frisse smaak. Let erop dat je alleen het gele deel van de schil raspt, want het witte deel is bitter. Voor het bestrijken van de taart kun je ook alleen eigeel gebruiken of een mengsel met een beetje water.
Sommige mensen combineren de frangipane met banketbakkersroom voor een lichtere vulling. Ik serveer de banketbakkersroom liever apart – zo kan iedereen zelf kiezen hoeveel ze willen.
Tradities rondom de galette des rois
In Frankrijk zijn begin januari meerdere gelegenheden om galette te eten, bijvoorbeeld op scholen en werkplekken. Eén speciale galette, groot genoeg om tientallen mensen te voeden, wordt naar het Élysée gestuurd. De president heeft de eer om deze te snijden en uit te delen aan zijn gasten – een prachtig moment van delen en verbinden.
Met dit recept creëer je niet alleen een heerlijke traktatie, maar ook een bijzondere ervaring die traditie en smaak samenbrengt. Geniet van het bakken én van het vieren!
Waarom Emmanuel Macron geen fève of kroon heeft in zijn galette des rois?
Tijdens de Épiphanie op 6 januari wordt in het Élysée een indrukwekkende galette des rois geserveerd zonder fève of kroon. Dit gebruik is een erfenis van de Franse Revolutie, toen de monarchie werd afgeschaft en de “galette de l’égalité” gelijkheid benadrukte. In het Élysée wordt daarom niemand uitgeroepen tot koning of koningin. De traditie blijft echter levendig in Franse huishoudens, waar fèves en kronen nog steeds centraal staan. Macron volgt met deze aangepaste galette de republikeinse principes van Frankrijk. Het symboliseert de waarden van gelijkheid en het afscheid van de monarchie.
Champagne is heerlijk, maar persoonlijk geniet ik meer van een goed glas diepe, rode wijn. Natuurlijk laten we ook een fles champagne knallen – het is tenslotte maar één keer per jaar oud en nieuw! In onze buitenkeuken hebben we dit jaar oliebollen gebakken; een frisse uitdaging, maar de smaak maakte alles goed. Wat een prachtig 2024 hebben we achter de rug, vol warme herinneringen. 2025 belooft nu al fantastisch te worden. “Proost op een nieuw jaar vol warmte, smaak en mooie momenten!”
Oud en Nieuw Tradities Wereldwijd – Hoe Verschillende Landen Het Vieren
Het oude jaar is bijna voorbij, en de wereld maakt zich klaar om het nieuwe jaar te verwelkomen. Hoewel de basis van Oud en Nieuw wereldwijd hetzelfde lijkt – het afsluiten van het oude jaar en het verwelkomen van het nieuwe – zijn de tradities en gebruiken per land vaak heel verschillend. Hieronder een kijkje in hoe diverse landen de jaarwisseling vieren en waarom champagne in veel landen de traditie is.
1. Nederland – Oudjaarsavond en Nieuwjaarsdag
In Nederland wordt de jaarwisseling groots gevierd. Oudjaarsavond is het moment om samen met vrienden en familie te genieten van oliebollen en vuurwerk. De traditionele oliebollen worden vaak gegeten om het oude jaar af te sluiten en het nieuwe te verwelkomen. Om 12 uur ’s nachts wordt het vuurwerk afgestoken en wensen mensen elkaar een “Gelukkig Nieuwjaar”. In Nederland is het ook gebruikelijk om oude voorwerpen kapot te gooien als symbool voor het achterlaten van het oude jaar.
2. Frankrijk – Le Réveillon
In Frankrijk wordt de overgang van het oude naar het nieuwe jaar op een elegante manier gevierd. De Fransman viert ‘Le Réveillon’, een uitgebreid diner met familie of vrienden. Het diner bevat vaak gerechten zoals foie gras, oesters en een mooie fles wijn of champagne. Champagne is hier een belangrijk onderdeel van de traditie; het staat symbool voor luxe, vernieuwing en geluk. De Franse gewoonte om champagne te drinken bij de jaarwisseling stamt af van de adel in de 18e eeuw, die het als een feestdrank beschouwde om belangrijke momenten te markeren.
3. Spanje – De Traditionele 12 Druiven
In Spanje eet men op de avond van 31 december om klokslag 12 uur twaalf druiven, één voor elke maand van het komende jaar. Dit wordt gezien als een manier om geluk te brengen. De traditie vindt zijn oorsprong in 1909, toen druiventelers in de regio Alicante een overproductie van druiven hadden en besloten dit te gebruiken als manier om hun product te promoten.
4. Japan – Oshogatsu
In Japan wordt Nieuwjaar, oftewel Oshogatsu, niet op dezelfde manier gevierd als in veel westerse landen. Het is een familiefeest dat voornamelijk bestaat uit het samenkomen, het aanbieden van gebeden in boeddhistische tempels en het genieten van speciaal nieuwjaarsvoer. Vuurwerk is minder gebruikelijk, en de focus ligt meer op het brengen van respect aan de voorouders en het bidden voor geluk in het nieuwe jaar.
5. Schotland – Hogmanay
In Schotland heeft de jaarwisseling een diepgewortelde geschiedenis met bijzondere tradities. De nacht van 31 december heet Hogmanay, en het wordt gevierd met vuurwerk, feesten en het zingen van “Auld Lang Syne”, een traditioneel Schots lied dat de vriendschap en het verleden viert. De belangrijkste traditie in Schotland is echter de ‘first-footing’: de eerste persoon die je huis binnenkomt na middernacht moet een geschenk brengen voor geluk in het nieuwe jaar.
6. Verenigd Koninkrijk – Champagne en Midnight Kisses
In het Verenigd Koninkrijk wordt het oude jaar vaak afgesloten met grote feesten en een glas champagne. De nadruk ligt bij de overgang van oud naar nieuw op het traditionele aftellen naar middernacht. Net als in Frankrijk wordt het nieuwe jaar vaak verwelkomd met een glas champagne, maar wat het VK uniek maakt, is de traditie van de ‘first kiss’. De eerste kus van het nieuwe jaar symboliseert geluk en liefde, en het wordt vaak gedeeld met geliefden of vrienden.
7. Colombia – 12 Wensen
In Colombia heeft men een grappige traditie. Om 12 uur ’s nachts maakt men 12 wensen voor het komende jaar. Iedere wens komt overeen met een van de twaalf slagen van de klok. Het meest bijzondere onderdeel van de Colombiaanse viering is de ‘muerto’ – een symbolisch afscheid van het oude jaar. Veel families maken een pop die het oude jaar vertegenwoordigt en verbranden deze.
Waarom Champagne?
Waarom champagne precies met Oud en Nieuw geassocieerd wordt, heeft te maken met de oorsprong van de traditie. Champagne werd vaak geassocieerd met luxe en feestelijkheid en werd vroeger alleen door de adel gedronken tijdens belangrijke momenten. Het bruisende karakter van de drank symboliseert de hoop op een bruisend nieuw jaar vol geluk en voorspoed. De traditie heeft zich in de loop der jaren verspreid, en tegenwoordig is champagne wereldwijd een belangrijk onderdeel van de viering van het nieuwe jaar.
Conclusie
De tradities van Oud en Nieuw verschillen per land, maar ze hebben allemaal een gemeenschappelijk doel: het afsluiten van het oude jaar en het verwelkomen van het nieuwe jaar met vreugde, geluk en liefde. Van druiven eten in Spanje tot de ‘first-footing’ in Schotland, ieder land heeft zijn eigen unieke gewoontes. Champagne, als symbool van feest en luxe, blijft echter een wereldwijd belangrijk onderdeel van deze vieringen. Wat je ook doet, het belangrijkste is dat je het nieuwe jaar begint met positiviteit en een open hart.
In mijn jeugd hadden we tradities, en ik was dol op onze oudejaarsrituelen. Een van de hoogtepunten was de zalmsalade die mijn moeder maakte. Het was eigenlijk een eenvoudige salade, maar de presentatie en het samenzijn maakten het bijzonder. Ze gebruikte botersla als basis op een mooie schaal, waarover de zalmsalade werd verdeeld:
1 blikje roze zalm
½ rode ui, fijn gesnipperd
2 augurken, in kleine blokjes
4 augurkjes als garnering
1 eetlepel kappertjes
2 takjes dille, fijngehakt
2 takjes verse peterselie, fijngehakt
een klein handje bieslook
½ citroen of limoen, uitgeperst
1.5 eetlepel mayonaise
1 eetlepel (Griekse) yoghurt
1 theelepel mosterd
1 theelepel (gerookt) paprikapoeder
4 hardgekookte eieren, in kwarten gesneden
8 kleine tomaatjes gehalveerd
De zalm werd uitgelekt, geprakt, en gemengd met de fijngehakte ingrediënten. Daarna voegden we de mayonaise, yoghurt, mosterd, citroensap en paprikapoeder toe. Alles werd zachtjes door elkaar geroerd tot een smeuïge salade. Op de botersla werd de salade rijkelijk uitgestreken, versierd met gehalveerde augurken, kleine tomaatjes en kwartjes gekookt ei.
Ik vond het geweldig om mijn moeder in de keuken te helpen. Ze noemde me altijd haar ‘keukenprinses’ en zei dat mijn handen alles nog lekkerder maakten. Ik geloofde haar vol overtuiging en hielp enthousiast mee. Mijn vader ging ondertussen vuurwerk halen: een paar mooie sier pijlen en sterretjes, die mijn broer en ik “koud vuur op een stokje” noemden. Hij bracht ook gerookte zalm, paling en makreel mee van viswinkel Everleens, die nog steeds dezelfde heerlijke producten maakt.
Het hoogtepunt van oudejaarsdag was voor mij echter het bakken van oliebollen en appelbeignets. Mijn moeder en ik maakten bakken vol beslag, want er werd volop gedeeld. Mijn ouders waren ontzettend gastvrij en het huis stroomde vaak vol met vrienden en buren. Het oliebollenbeslag werd op kamertemperatuur weggezet om te rijzen, en ik vond het magisch om te zien hoe het deeg verdubbelde. Voor de appel- en bananenbeignets maakten we een apart beslag.
Twee pannen met olie op het vuur, en het bakken kon beginnen. De geur vulde het huis, en ik heb zulke warme herinneringen aan die momenten. Tegenwoordig bak ik nog steeds oliebollen en appelbeignets met liefde, maar wel buiten in de buitenkeuken om te voorkomen dat het huis er dagen naar ruikt. De visschotel maak ik niet meer – in de Bourgogne kan ik niet zomaar naar Everleens – maar de zalmsalade staat elk jaar op tafel.
Op nieuwjaarsdag keken we altijd naar het Nieuwjaarsconcert, met nog wat oliebollen en appelflappen erbij. Ik was betoverd door de muziek, de prachtige jurken en de grandeur van het concert. Mijn ouders zijn er helaas niet meer, maar ik koester onze tradities en draag ze met trots verder.
Deze oudejaarsavond bak ik opnieuw oliebollen met een dikke laag poedersuiker en maak ik appel- en bananenbeignets. Om middernacht plopt de champagne open en drink ik op mijn ouders. Vuurwerk mis ik niet; hier in de Bourgogne is het rustig en dat vind ik prima.
Op 1 januari maak ik steevast groentesoep, net zoals ik vroeger samen met mijn moeder deed. Misschien om wat balans te vinden na de overvloed aan eten tijdens de feestdagen – dat besef ik nu pas.
Ik wens jullie allemaal een prachtige jaarwisseling en een gezond, creatief 2025, vol lekkere baksels en kookpannen gevuld met heerlijke ingrediënten. Hieronder deel ik mijn recepten voor oliebollen en appelbeignets, zodat jullie ook een vleugje van mijn traditie kunnen proeven.
Recept: perfecte oliebollen
Ingrediënten:
500 ml lauwe halfvolle melk
500 g bloem
1 zakje gedroogde gist (7 g)
4 eetlepels lichtbruine basterdsuiker
1 ei
Snufje zout
1 fles zonnebloemolie (voor het bakken)
Optioneel:
200 g krenten (15 minuten wellen in water)
2 appels (bij voorkeur goudrenetten, in kleine stukjes)
Bereiding:
Voorbereiden:
Laat de krenten 15 minuten wellen in warm water. Giet ze daarna af.
Meng de gist en suiker door de lauwe melk en laat dit 5 minuten staan totdat het begint te schuimen.
Beslag maken:
Zeef de bloem in een grote beslagkom en voeg een snufje zout toe.
Giet langzaam de melk met gist bij de bloem terwijl je roert. Gebruik een mixer met deeghaken of een garde om het beslag glad te kloppen.
Klop het ei erdoor. Als je krenten of appelstukjes gebruikt, schep deze dan voorzichtig door het beslag.
Rijzen:
Dek de kom af met een vochtige theedoek en laat het beslag 60 minuten rijzen op kamertemperatuur. Het beslag moet in volume verdubbelen.
Bakken:
Verhit de zonnebloemolie in een diepe pan of frituurpan tot 180 °C.
Gebruik twee met olie ingevette lepels (of een ijslepel) om bollen beslag in de hete olie te laten glijden. Zorg dat je de pan niet te vol doet; bak meerdere oliebollen in kleine porties.
Laat de oliebollen aan beide kanten goudbruin bakken, keer ze regelmatig. Dit duurt ongeveer 6 minuten.
Haal de oliebollen uit de pan en laat ze uitlekken op keukenpapier.
Serveren:
Bestrooi de oliebollen rijkelijk met poedersuiker en serveer warm.
Tips voor de perfecte oliebol
Lekkere twist: Laat de krenten eens wellen in rum in plaats van water voor een verrassend aroma.
Rijzen: Zorg dat het beslag op kamertemperatuur rijst. Te warm? Te veel luchtbellen. Te koud? Te weinig rijzing.
Appelsoort: Gebruik goudrenetten voor oliebollen met appel. Deze stevige, frisse appels houden hun structuur en smaak perfect.
Beslag hanteren: Het beslag is plakkerig. Gebruik daarom lepels die je invet met olie om het beslag gemakkelijk te scheppen.
Bewaren:
Bewaar oliebollen tot 3 dagen in een afgesloten zak of doos.
Vries ze in voor maximaal 2 maanden. Opwarmen? Doe ze na ontdooien een paar minuten in een voorverwarmde oven.
Recept: appel- en bananenbeignets volgens Oma’s traditioneel recept
Mijn appel- en bananenbeignets zijn een eerbetoon aan de recepten van mijn moeder en oma. Ze zijn zo verrukkelijk dat ik er niets aan heb veranderd. Perfect knapperig van buiten, heerlijk zacht en fruitig van binnen—dit is een tijdloze lekkernij die je moet proberen!
Ingrediënten
Voor het beslag:
125 g zelfrijzend bakmeel
125 ml melk
1 ei
1 snufje zout
Voor de appels:
3 appels (bij voorkeur goudrenetten)
1 theelepel kaneel
Zonnebloemolie (voor frituren)
Voor het suikerlaagje:
100 g suiker
1 eetlepel kaneel
1 zakje vanillesuiker
Bereidingswijze
Olie voorbereiden: Verwarm de olie in een pan of frituurpan tot ongeveer 180 graden. Zet een bord of kommetje klaar en meng de suiker, kaneel en vanillesuiker voor het suikerlaagje.
Maak het beslag: Doe het zelfrijzend bakmeel in een kom. Voeg de melk beetje bij beetje toe en meng goed met een garde tot een glad beslag. Roer vervolgens het ei en een snufje zout door het beslag.
Bereid de appels: Haal met een appelboor het klokhuis uit de appels en schil ze. Snijd de appels in ringen van ongeveer 0,5 cm dik. Bestrooi de ringen met een beetje kaneel voor extra smaak.
Frituren: Doop de appelringen in het beslag en laat het overtollige beslag eraf druipen met behulp van een vork. Leg de ringen voorzichtig in de hete olie. Bak ze in 3 tot 4 minuten goudbruin, en draai ze halverwege om.
Suikerlaagje: Haal de beignets direct uit de olie en rol ze meteen door het suiker-kaneelmengsel voor een heerlijk zoet laagje. Laat ze iets afkoelen op een bord met keukenpapier.
Serveer: Bestrooi de appelbeignets vlak voor het serveren met poedersuiker voor een feestelijke touch. Geniet van deze smakelijke traktatie terwijl ze nog warm zijn!
Tips
Voor een extra twist: voeg bananen, in de lengte gehalveerd, toe aan het beslag en frituur ze op dezelfde manier.
Bewaren: bewaar de beignets maximaal 3 dagen in een afgesloten bakje. Warm ze kort op in de oven voor een vers effect.
Met dit eenvoudige, maar onweerstaanbare recept breng je een vleugje nostalgie en traditie in je keuken. Geniet ervan met familie en vrienden!
De traditie zet zich voort! We hebben weer onze jaarlijkse Bûche de Noël gemaakt, en wat smaakt hij heerlijk – een echte kerstklassieker. Voor de versiering kozen we dit jaar marsepeinfiguurtjes. Die hebben we niet zelf gemaakt (daar ontbrak de tijd voor), maar dat doet niets af aan de magie van dit feestelijke dessert. Wil je hem ook maken? Hier is ons recept, stap voor stap uitgelegd!
Ingrediënten
Voor de cake:
5 eieren (bij voorkeur vers van onze eigen kippen 🐔)
125 g gezeefde bloem
25 g gezeefde maizena
1 tl bakpoeder
220 g suiker
Snufje zout
Voor de vulling:
250 g mascarpone (op kamertemperatuur)
250 ml slagroom
3 grote eetlepels hazelnoot-chocoladepasta
Cacaopoeder (om te bestrooien)
Versiering naar keuze
Bereiding
1. Cake bakken
Verwarm de oven voor op 180°C (onder- en bovenwarmte).
Splits de eieren. Klop in een vetvrije kom de eiwitten met 100 g suiker en een snufje zout stijf tot stevige pieken (circa 5 minuten).
Klop in een aparte kom de eidooiers met 50 g suiker tot een dik, glanzend mengsel dat verdubbeld is in volume.
Spatel voorzichtig het eiwitschuim door het eigeelmengsel. Werk rustig om de luchtigheid te behouden.
Zeef de bloem, maizena en bakpoeder nogmaals en spatel dit voorzichtig door het beslag.
Strijk het beslag gelijkmatig uit op een bakplaat bekleed met licht ingevet bakpapier.
Bak de cake in ongeveer 20 minuten licht goudbruin. Let op: niet te donker!
Haal de cake uit de oven en laat een paar minuten afkoelen.
Leg een tweede vel bakpapier op de cake, keer hem om, en verwijder voorzichtig het eerste bakpapier.
Rol de cake samen met het nieuwe bakpapier op, wikkel hem in een licht vochtige theedoek, en laat volledig afkoelen.
2. Vulling maken
Klop de slagroom met de resterende suiker stijf.
Meng de mascarpone met de hazelnoot-chocoladepasta tot een romige crème.
Spatel de mascarponecrème door de slagroom.
3. Bûche assembleren
Rol de afgekoelde cake voorzichtig uit. Geen zorgen als de randen iets omhoog blijven staan.
Bestrijk de cake met tweederde van de vulling.
Rol de cake voorzichtig op zonder het bakpapier. Gebruik een scherp mes om de uiteinden netjes af te snijden.
Bestrijk de bovenkant en zijkanten van de rol met de resterende mascarponecrème. Gebruik een mes of vork om groeven te maken, zodat het lijkt op een boomstammetje.
Bestrooi met een fijne laag cacaopoeder en versier naar wens.
4. Laat opstijven Zet de bûche minimaal een uur in de koelkast om stevig te worden. Daarna is hij klaar om geserveerd te worden. Eet smakelijk en geniet van de magie van Kerst! 🎄✨
Met dit recept beleef je een moment van rust en plezier in de drukke decembermaand. Smaken de feestdagen ook bij jou naar meer eenvoud en traditie? Deel jouw creatie, we zijn benieuwd!
De Bûche de Noël hoort traditioneel bij Kerst in FrankrijkHeel lekkerMascarpone, slagroom en hazelnoot pastaVoeg de stijve eiwitten lepel voor lepel toe aan het eigeel mengselKlop de eiwitten goed stijf in een vetvrij kom met een vetvrije mixer
Rijste-vlaai: een stukje traditie met een Bourgondische twist
Mijn moeder bracht haar jonge jaren door in het prachtige Limburg, een regio die mij altijd heeft aangetrokken. Had ik niet voor de Bourgogne gekozen, dan had ik me daar vast thuis gevoeld. Limburg staat bekend om zijn rijke eetcultuur met gerechten als stoofvlees (zoervleisj), balkenbrij en natuurlijk de beroemde vlaaien. Afhankelijk van waar je in Limburg woont, heeft deze lekkernij verschillende namen: vla, flaai, vlaoij of vlaaj.
Vanaf 22 januari 2024 erkent Europa officieel de Limburgse vlaai als streekproduct. Om deze titel te mogen dragen, moet een vlaai gebakken zijn op Limburgs grondgebied – Nederlands of Belgisch. Daarom mag ik mijn vlaaien officieel niet Limburgse vlaai noemen, maar ze worden wel met evenveel liefde, traditie en smaak gebakken. Sterker nog, ik geef er soms mijn eigen draai aan. Naast de klassieke rijstenvlaai – die ook in Frankrijk als tarte au riz bekendstaat – maak ik bijvoorbeeld een versie met een speculaasbodem, helemaal zelfgebakken. Een krokante speculaasbodem gecombineerd met romige rijstvulling… Dat is voor mij puur genieten!
Leuke weetjes over de Limburgse vlaai In Limburg is het snijden en serveren van vlaai een kunst op zich. Een traditionele gistdeegvlaai wordt in maximaal 10 stukken gesneden. Een linzentoert – gemaakt met een steviger deeg en vaak gevuld met abrikozen of pruimen – wordt in 14 ruiten gesneden.
Gastvrijheid à la Limburg Word je in Limburg vlaai aangeboden, dan mag je verwachten dat er minimaal twee keer een stuk jouw kant op komt. Het is een teken van gastvrijheid – en een uitnodiging om zorgeloos te genieten. Dat is ook het mooie van Limburg.
Vers is het lekkerst De allerbeste vlaai is vers, liefst niet ouder dan één dag. Vooral fruitvlaaien zijn op hun best wanneer ze net uit de oven komen. Maar geen zorgen: zelfs een dag later smaakt een stukje nog altijd heerlijk. De uitzondering hierop is de klassieke linzentoert, die dankzij het stevige deeg juist langer goed blijft en vroeger gebakken werd om langer te bewaren dan gistdeegvlaaien.
In mijn keuken geef ik deze traditie graag een Frans-Bourgondische twist. Soms met een klassieke bodem, soms met speculaasbrokken of zelfs een brooddeeg. Het resultaat? Een perfecte mix van Limburgse nostalgie en Franse charme, heerlijk om te delen – en altijd een feestje op tafel!
*Vandaag trakteerde ik de hoefsmid, mijn dochter en haar man op mijn rijsttaartje. Met dit koude weer smaakte het nog lekkerder, en geloof me, er werd volop van genoten!
Voor mijn vlaai heb ik het volgende gebruikt:
200 gram dessertrijst (riz rond),
1 liter (half)volle melk,
100 gram suiker,
goede snuf zout,
1 theelepel vanille-extract
halve theelepel kaneelpoeder
2 grote eieren of 3 medium
150 tot 200 gram speculaasbrokken
50 tot 70 gram roomboter
Hoe ik mijn rijsttaartje heb gemaakt:
Eerst heb ik de dessertrijst 7 minuten gekookt in ruim water, daarna afgegoten en laten afkoelen. Vervolgens ging de rijst met melk, de helft van de suiker, een snufje zout, vanille en kaneel op het vuur. Ik liet het mengsel langzaam sudderen tot de melk bijna kookte en roerde regelmatig. Na een half uurtje sudderen liet ik de rijst een nachtje indikken tot een stevige rijstepap – precies zoals ik het wilde.
De volgende dag verwarmde ik de oven voor op 180 graden. Ik klopte 2 eieren van mijn eigen kippen luchtig met de andere 50 gram suiker, totdat ze verdubbelden in volume en een mooie glans kregen. Belangrijk is dat alle ingrediënten op kamertemperatuur zijn. Voor de bodem maalde ik speculaasbrokken tot een grove, poederachtige structuur en mengde dit met gesmolten roomboter. In een met bakpapier beklede springvorm verdeelde ik het speculaasmengsel gelijkmatig met een licht vochtige lepel en drukte het stevig aan. De vorm ging even in de koelkast om op te stijven.
Daarna mengde ik de zoete rijst met het luchtige eimengsel en goot dit voorzichtig in de springvorm. De taart bakte ik in ongeveer 25 minuten (afhankelijk van je oven). Let goed op: te lang bakken maakt de rijst droog, terwijl te kort bakken zorgt voor te weinig stevigheid. Na het bakken liet ik de taart 2 uur afkoelen, haalde voorzichtig de springvorm los en zette hem in de koelkast.
Vlak voor het serveren spoot ik de taart op met vers geklopte slagroom en liet ik hem nog een half uurtje op kamertemperatuur komen. Zo krijg je het perfecte rijsttaartje met een zachte textuur, knapperige speculaasbodem en een vleugje luxe door de slagroom. Smakelijk!
De aquarel Met deze hakkelaar is de koek zo fijn gehaktJe kunt de taart nog met slagroom en chocolade krullen versierenMeng goedRijst en de opgeklopten eierenDe speculaas bodem