Een paar maanden geleden zag ik voor het eerst ACEO’s (6.3 x 8.9cm) voorbij komen op TikTok. Het idee raakte me meteen: kunst die klein genoeg is om overal te plaatsen én betaalbaar blijft voor iedereen. Maar ik wilde méér—een manier om deze mini-kunstwerkjes makkelijk te kunnen wisselen. Zo ontstond het idee van mijn wissellijstjes, en daarmee begon mijn avontuur met kleine kunst die grote vreugde brengt.
Elke ochtend start voor mij met kunst. Als ik wakker word, zie ik als eerste mijn slaapkamerdeur, die ik zelf beschilderde met klaprozen. Dat is voor mij het meest positieve begin van de dag. Klaprozen zijn mijn lievelingsbloemen: dat dieprode kleur, het wilde karakter… en vooral dat onverwoestbare stukje natuur dat zich niets aantrekt van drukte. Ik vergeet nooit hoe ik ooit in een volle Amsterdamse straat een klaproos zag groeien tussen de stoeptegels—zo stoer, zo eigenwijs. Het herinnert me eraan dat schoonheid en intuïtie altijd een weg vinden, hoe stedelijk of grijs het ook is.
Daarna loop ik naar de keuken, zet het koffiezetapparaat aan en zie meteen mijn koelkast… mét de drie Franse kipjes die ik schilderde. En dan kan mijn dag al niet meer stuk. Juist in moeilijke tijden, of op korte, grauwe winterdagen, kunnen dit soort kleine kunstwerkjes wonderen doen. Ze toveren een lach op je gezicht, maken het leven lichter en brengen een vleug vrolijkheid die je misschien net even nodig hebt.
Deze Franse kippetjes zijn voor mij een feestje om te schilderen. Ik gebruik mijn eigen kippen als model — in mijn hoofd dan — en toen ik ze de iconische Bretonse truien gaf, de marinière die sinds 1858 deel uitmaakt van de Franse marine, moest ik hardop lachen. Dát is precies wat ik hoop dat anderen ook voelen: vrolijkheid, herkenning en warmte. Het zijn koelkastmagneten die niet alleen goed blijven plakken, maar ook goed blijven hangen in je humeur.
En het beste deel? Deze serie begint nog maar net. Mijn drie kippen gaan straks kerst vieren, warme wijn drinken, oud en nieuw meebeleven en nog veel meer kleine avonturen beleven. Ik kan niet wachten om ze allemaal te schilderen — binnenkort komt het wissellijstje in de webwinkel, en de kleine kunstwerkjes ook.
Op mijn koelkast! La douce France, du pain, du vin et du fromage…
“Van snelheid op de weg naar geduld op het gras — het is allebei een kunst.”
Toen ik dit huis kocht, was ik verliefd op het grote terrein in de Bourgogne. Maar ik had er nooit bij stilgestaan hoeveel werk het zou zijn om het allemaal te onderhouden. Vroeger voelde ik me best stoer op mijn Kawasaki 750, en ik heb zelfs nog op een quad gereden. Maar zo’n zitmaaier op hobbelig terrein? Dat is heel andere koek.
Gelukkig kreeg ik les van schoonzoonlief. Ik rijd tegenwoordig in standje slak in plaats van haasmodus. Hij scheurt er in no-time overheen, maar ik neem liever de tijd. Het leuke is dat het terrein veel groter blijkt te zijn dan ik dacht, nu we ook de hele oppervlakte maaien en snoeien. Daarbij kwamen we erachter dat er nóg meer fruit- en notenbomen staan dan verwacht.
Misschien is de volgende stap wel een tractor. Wie had dat ooit gedacht? Pien op de zitmaaier — en binnenkort misschien zelfs op een tractor.
“Fiets, motor, auto, quad, zitmaaier en wie weet straks een tractor — ik ben er gek genoeg voor!”
En nu ben ik benieuwd… wat was voor jou de grootste onverwachte klus toen je een huis kocht of verhuisde?
Van Kawasaki-motor naar zitmaaier — deel 2: In standje schildpad langs de sleedoorn
Eén voordeel heeft het wel, dat ik tegenwoordig in standje schildpad over mijn terrein tuf op de zitmaaier: ik zie veel meer dan vroeger. Zo ontdekte ik onlangs, half verscholen aan de rand van het perceel, een prachtige sleedoornpruim.
De Sleedoorn (Prunus spinosa L.) is niet bij iedereen bekend, maar het is een ware schoonheid uit de Rozenfamilie. In het vroege voorjaar, nog vóór het blad verschijnt, tooit hij zich met witte bloesems — een feest van licht tegen het kale landschap. De bloei duurt kort, maar intens. Eind maart tot uiterlijk eind april kleuren struwelen en bosranden wit: de lente kondigt zich aan.
De struik zelf kan tot drie meter hoog worden, met donkere, doornige takken en kleine, berijpte, blauwzwarte vruchten. Die bessen — of eigenlijk steenvruchten — smaken wrang en hard, maar na een paar nachten vorst worden ze zachter en iets zoeter. Het oud-Nederlandse woord “slee” betekent dan ook “de tanden stroef makend”. Niet bepaald iets voor direct uit de hand, maar wél een schat voor wie weet wat ermee te doen.
Men zegt dat de sleedoorn één van de oerouders van de pruim is. In Frankrijk maken ze er jam of likeur van (prunelle), maar ik koos voor iets anders: wilde olijven uit eigen tuin, oftewel SLEE-OLIJVEN!
🌿 Recept: gefermenteerde sleedoornbessen
Je hebt nodig:
300 g gewassen sleedoornbessen
330 g zout
330 ml water
1 soeplepel gemengde peperbolletjes
Enkele blaadjes laurier
1 kaneelpijpje
2 takjes duizendblad
Zo doe je het:
Kook het water met zout, kruiden en specerijen. Laat afkoelen.
Doe de bessen in een bokaal en giet er de koude pekel over.
Sluit de pot goed af en zet hem ongeveer zes maanden weg.
Giet daarna af en laat de bessen een etmaal drogen.
Overgiet ze met olijfolie tot ze onderstaan en voeg eventueel wat ‘wilde’ kruiden toe: duizendblad, marjolein, waterpeper, daslook of een stukje look (de look na een week verwijderen om schimmel te voorkomen).
De sleedoorn vruchten hangen hoog en hebben doornenDe vruchten zijn mooi blauw, vogels zijn ook dol op de sleedoor vruchten. We plukken alleen wat we nodig hebben, de rest laten we hangenDit is één struik, maar er staat hier een hele haag vol sleedoorn struikenIk laat ze een paar dagen in de vriezer liggen dat geeft hetzelfde effect als nachtvorst, pas daarna worden de sleedoorn vruchten eetbaar
En dan wachten… Na een paar maanden heb je heerlijke, aromatische “olijven” met een vleugje wildernis.
🍂 Een struik met geschiedenis
De sleedoorn is al sinds de steentijd een trouwe metgezel van de mens. Archeologen vonden zaden en stenen op oude nederzettingen; waarschijnlijk werd het vruchtvlees tot fruitleer gedroogd. In de oudheid en middeleeuwen gebruikten Arabieren, Grieken en Romeinen de bloemen en bessen als geneesmiddel tegen buikloop en verkoudheid.
Zelfs de doorns hadden nut: slagers gebruikten ze vroeger om worsten bij elkaar te prikken, en boeren plantten sleedoorn en meidoorn als natuurlijk prikkeldraad.
In de Keltische tijd was de sleedoorn verbonden aan Samhain – het feest dat wij nu Halloween noemen – en stond hij symbool voor de donkere kant van het jaar, wanneer de natuur zich terugtrekt.
De sleedoornbessen moeten eerst de kou hebben geproefd voordat ze eetbaar worden — na de eerste nachtvorst, of simpelweg na een paar nachten in de vriezer.
🐝 Een onmisbare plant voor de natuur
De vroege bloei maakt de sleedoorn onmisbaar voor de eerste bijen, hommels en dagvlinders. Zelfs zeldzame soorten zoals de sleedoorn- en pruimenpage gebruiken de struik als waardplant om hun eitjes op af te zetten. En al lijkt het soms heftig als de meidoornstippelmot de struik kaalvreet, hij herstelt zich altijd en staat het volgende voorjaar weer vol in bloei.
Terwijl ik dus langzaam voortschuif over het terrein, motor zacht pruttelend, glimlach ik. Van Kawasaki-motor naar zitmaaier, van snelheid naar stilte — en onderweg ontdek ik de schoonheid van de sleedoorn, van het wachten, van het zelf maken.
Wie had dat gedacht? Dat ik ooit zou stilvallen… om olijven van sleedoorn te maken. 🌸
Over een half jaar laat ik jullie met plezier mijn potten vol zelfgemaakte sleedoorn-olijven zien — recht uit de tuin, met een vleugje wilde magie.
Wandelen in de herfst in de Bourgogne, de moeite waard!
Wat zou een jaar zijn zonder seizoenen? Saai en kleurloos, vind je niet? Gelukkig mogen we weer de herfst verwelkomen. En alsof de natuur zelf de klok gelijk zet, hangt er meteen een herfstachtige sfeer in de lucht: regen die zachtjes tegen de ramen tikt, de geur van vochtige aarde, de eerste vallende bladeren. Terwijl de zomer achter ons ligt, opent zich een nieuw seizoen vol warmte, smaak en creativiteit.
De herfst is het seizoen van pompoenen en paddenstoelen, van appeltaarten en stoofperen, van warme plaids en dampende kopjes thee. Het is ook het seizoen waarin de Bourgogne zich van haar mooiste kant laat zien: een landschap dat verandert in een schilderij van rood, oranje en goud.
In mijn nieuwste blog lees je waarom de herfst in de Bourgogne niet alleen draait om pompoenen en paddenstoelen, maar ook om creativiteit en ontspanning: ontdek zentangle, dé gezonde lifestyle-activiteit voor de donkere dagen”
🍂 Herfst in de Bourgogne: kleuren, smaken en tradities
De Bourgogne is in elk seizoen een genot, maar in de herfst lijkt het alsof de streek nóg intenser tot leven komt. De bossen in het Parc du Morvan kleuren als een patchworkdeken. Elke wandeling is een ontdekkingstocht, waar je tussen de bladeren kastanjes kunt rapen of stil kunt staan bij een groepje eekhoorntjes die hun wintervoorraad verzamelen.
Herfst in de Bourgogne betekent ook traditie. Denk aan de jacht op truffels – een kostbaar kleinood dat in deze regio met veel trots en geheimzinnigheid gezocht wordt. Of het verzamelen van kastanjes, die geroosterd een heerlijke snack zijn na een frisse wandeling. En vergeet de paddenstoelen niet: van prachtige vliegenzwammen die je beter alleen fotografeert tot eetbare soorten die hun weg vinden naar de keuken. Eet alleen zelf geplukte paddenstoelen als je 100 procent zeker bent dat ze eetbaar zijn!
En dan de wijn: herfst vraagt om wijnen die je verwarmen. Een elegante Pinot Noir met haar zachte aardse tonen, of een volle Chardonnay die perfect past bij rijke herfstgerechten. Wijn en herfst horen in Frankrijk nu eenmaal bij elkaar.
Wijn en die kan je goed openen met onze Coukoe lifestyle opener die we kunnen personaliseren
🌦️ Herfstactiviteiten in Frankrijk: wat te doen in de Bourgogne
De herfst nodigt uit om te vertragen en te genieten van kleine dingen. En er is zoveel te beleven in deze regio:
🍄 Paddenstoelen ontdekken in de Bourgogne – maak foto’s, verwonder je over de vormen en kleuren.
🌰 Kastanjes rapen in de herfstbossen – perfect voor kinderen én volwassenen, en later heerlijk om te poffen.
🚶 Wandelen in de regen – de frisse lucht, het spel van druppels op bladeren, en daarna warm thuiskomen.
📚 Lezen in de herfst – hét seizoen voor boeken en tijdschriften, knus op de bank met een plaid.
🍵 Warme dranken en comfort food – van thee en koffie tot een kruidige warme wijn of een pumpkin spice latte.
🍂 Herfstbladeren verzamelen – droog ze tussen de bladzijden van een boek en gebruik ze later in een creatief project.
🥧 Koken en bakken met pompoen– soep, stoofpotten, of zoals hieronder: cupcakes.
✏️ Creatief bezig zijn: doodles en zentangle; zie het stukje tekst hieronder.
De herfst is een seizoen dat al je zintuigen aanspreekt.
✏️ Creatieve herfst: mijn doodle-illustratie
Bij mij komt de herfst niet alleen tot leven in de keuken, maar ook op papier. Met mijn fineliner maakte ik een doodle-illustratie vol herfstsymbolen: een wijze uil, een guitig spookje, een geurige appeltaart, denneappels, nootjes en appels.
Het eind – resultaatHet begint met een circelDan teken ik “herfst symbolen” om de circel heen
Ik begon met een leeg vel papier, en langzaam verschenen de vormen, lijnen en details. Het hele proces heb ik vastgelegd in een kleine reel: van het eerste pennestreekje tot het eindresultaat. Zo neem ik mijn volgers mee in mijn creatieve herfstwereld.
Creativiteit en herfst gaan hand in hand. Tekenen, schilderen, schrijven of simpelweg bladeren drogen en inlijsten – het maakt de seizoensbeleving rijker en persoonlijker.
Het eind – resultaatIk heb er ook kleine lijstjes omheen getekendElke keer een beetje meer, lijntjes vormen en patroonNu laat ik gewoon mijn fantasie werken, mijn thema is vogelsTeken op een wit vel 9 gelijke figuren, ik teken uit de vrije hand, dat geeft een leuk effect
🧁 Pompoen cupcakes recept – herfst bakken in de Bourgogne
Natuurlijk mag er in een Bourgondische herfstblog geen recept ontbreken. Pompoen is hét symbool van dit seizoen, en deze cupcakes zijn zacht, kruidig en onweerstaanbaar lekker. Ik kook en bak veel met pompoenen, en die komen uit mijn eigen moestuin.
Ingrediënten (12 stuks):
250 g pompoenpuree (gekookt en gepureerd)
200 g bloem
150 g suiker (eventueel deels bruine suiker voor extra smaak)
2 eieren
100 ml zonnebloemolie (of gesmolten boter)
1 tl bakpoeder
1 tl kaneel
½ tl gemberpoeder
½ tl nootmuskaat
Snuf zout
Bereiding:
Verwarm de oven voor op 180 °C en zet een muffinblik klaar met 12 vormpjes.
Meng in een kom de bloem, bakpoeder, zout en specerijen.
Klop in een andere kom de eieren met de suiker luchtig. Voeg de olie en pompoenpuree toe.
Schep de droge ingrediënten voorzichtig door het pompoenmengsel tot een egaal beslag.
Verdeel het beslag over de vormpjes en bak 20–25 minuten, tot een prikker er schoon uitkomt.
Laat afkoelen en serveer eventueel met een topping van roomkaasglazuur of poedersuiker.
Deze cupcakes zijn perfect bij een dampende kop thee of koffie na een herfstwandeling.
🍂 Conclusie: herfst in de Bourgogne beleven
De herfst in de Bourgogne is een feest voor alle zintuigen: kleurrijk, smaakvol en vol tradities. Het is het seizoen van vertragen, van genieten van kleine dingen en van creatief bezig zijn.
Of je nu kastanjes raapt, een wandeling maakt in de regen, een doodle tekent of deze pompoen-cupcakes bakt – de herfst nodigt je uit om stil te staan en te genieten.
Een theelepel sambal kan een hele maaltijd veranderen – niet alleen in smaak, maar ook in beleving.
“Een fantastisch moestuinjaar.” Zo begon het allemaal. Terwijl de zon mijn Bourgondische tuin verwarmde, groeiden er uit kleine witte bloempjes langzame wondertjes: spiralen van groene pepers, eerst bijna zwart en uiteindelijk felrood, vurige juweeltjes die bijna té mooi waren om te plukken. En toch kwam dat moment – mijn eerste oogst. Ik voelde me rijk, maar ook een beetje weemoedig. Ze hingen daar zo prachtig, als kunstwerken van de natuur. Voor mijn gevoel te mooi, te rood om te plukken!
Ik wilde iets bijzonders maken, iets dat recht deed aan die rode vurige schoonheid. In Frankrijk zie ik dat pepers langzaam terrein winnen; waar ze vroeger nog zeldzaam waren, liggen ze nu steeds vaker in de supermarkt. Maar ik koos voor mijn eigen pad: sambal maken, met liefde, geduld en creativiteit.
🔥 Van plantje tot mijn moestuin
Mijn rode chili’s kwamen dit jaar uit een Frans tuincentrum – biologisch en vol leven. Het mooie is: ik heb maar één keer planten nodig, de zaden uit de vruchten geven me elk jaar opnieuw een overvloed. En met die overvloed experimenteer ik.
Sambal maken is balanceren: gember, bruine basterdsuiker, ketjap, tomatenpuree, verschillende pepersoorten. Elke batch smaakt anders. Soms loeiheet, soms mild en toegankelijk. Het leukste moment? Als ik een theelepel in een soep, stoofpotje of pastasaus verwerk en mensen ineens verrast roepen: “Wauw, dit is zó lekker!” Zelfs wie zegt “ik hou niet van sambal” vraagt vaak nog om een extra lepeltje.
🌍 Inspiratie & herinneringen
Mijn liefde voor sambal begon niet in Frankrijk, maar in Nederland. Ik hielp ooit een vriendin in haar kleine, industriële keuken, waar ze met haarnetje en handschoenen sambal en delicatessen maakte voor de markt. Haar eenvoudige glazen potten met statiegeldsysteem en prachtige vintage etiketten fascineerden me. Daar leerde ik: koken is meer dan eten bereiden, het is een verhaal dat je deelt. Haar recept nam ik mee, maar inmiddels heb ik er mijn eigen draai aan gegeven.
🎨 Kunst & smaak
De rode peper inspireert me niet alleen in de keuken, maar ook in mijn atelier. Hun felle rood, de groene hoedjes, de grillige vormen – ik schilder ze op canvas en aquarel, soms abstract, soms gedetailleerd. Vaak combineer ik een recept met een illustratie of een reel, zodat kunst en koken hand in hand gaan.
🌶️ Pittig leven
Vroeger vond ik pittig eten lastig. Tegenwoordig geniet ik juist van die warmte na de eerste hap. Pittig is een sensatie, een herinnering, een glimlach. En misschien ook een beetje een levensstijl. En durven te proeven en te ervaren, smaken moet je ook leren kennen. Inmiddels eet ik dagelijks mijn eigen sambal, in een omelet, door de soep, de pasta en ook op een broodje met kaas, en heel soms snoep ik zelfs een klein lepeltje, zo uit de pot met een beetje pindakaas, zo lekker en intens van smaak!
🌱 Toekomst
In mijn toekomstige huiskamer-restaurant zal mijn sambal zeker een rol spelen – misschien op tafel om naar smaak toe te voegen, misschien zelfs in kleine potjes om mee naar huis te nemen. Voor verkoop moet ik me nog verdiepen in de regels, maar één ding weet ik zeker: dit avontuur is nog maar net begonnen.
✨ Mijn missie
Met mijn sambal wil ik mensen inspireren:
Om zelf pepers te kweken, zelfs op een balkon.
Om te ontdekken dat je smaken kunt vormgeven naar je eigen voorkeur.
Om creatief aan de slag te gaan – of dat nu in de keuken of op doek is.
Om bewust te genieten van de schoonheid van de rode peper.
Pepers kweken is een avontuur op zich. Maar er is één gouden regel: oogst je pepers voor de eerste vrieskou. Ze zijn namelijk enorm gevoelig voor lage temperaturen. Je ziet het meteen: de bladeren hangen slap en herstellen niet meer. De pepers zelf lijken soms onaangedaan, maar krijgen wel degelijk een tik. Je kunt ze dan nog eten, maar de smaak is minder goed!
Een leuke ontdekking leerde ik ooit bij een kwekerij/proeverij: de hitte van een peper komt pas écht tot leven als je het kapje eraf snijdt. De zaadlijsten moeten als het ware “geactiveerd” worden. Dus als je een hap neemt van een hele peper, proef je misschien niets. Maar zodra je hem aansnijdt en de peper even laat liggen, komt die vurige kracht vrij.
En wist je dat pepers eigenlijk meerjarig zijn? Je kunt ze in de winter naar binnen halen, op een koele plek laten overwinteren, en in de lente lopen ze gewoon weer uit. Alsof ze zeggen: “We zijn nog lang niet klaar met je.” Volgende zomer gewoon weer door…
De geschiedenis van de peper is minstens zo spannend. Al rond 6000 v. Chr. verbouwden de Maya’s en Azteken pepers, niet alleen om mee te koken, maar ook voor medicinale toepassingen. In Peru zijn resten van pepers gevonden die teruggaan tot 2500 v. Chr. En pas veel later, in 1492, bracht Christoffel Columbus de chilipeper naar Europa. Op zoek naar de waardevolle zwarte peper stuitte hij op een vurige verrassing. Hij schreef in zijn logboek: “We ontdekten dat het land veel aji produceerde. Een peper die kostbaarder en gezonder is dan de gewone soort.”
Vanaf dat moment ging het snel. De Spaanse peper verspreidde zich razendsnel via Spanje en Portugal naar Afrika en Azië. Rond 1540 kwamen ze in Indonesië terecht, waar ze sindsdien niet meer weg te denken zijn uit de keuken.
En de verhalen rond pepers? Die zijn al even kleurrijk als de vruchten zelf.
Japanse samoerai aten pepers om moed te verzamelen voor een gevecht.
Boeren in Afrika gebruiken chili-oplossingen om hun gewassen te beschermen tegen olifanten en luizen.
In Mexico geldt de peper nog altijd als trots symbool, en 90% van alle pepers wereldwijd vindt daar zijn oorsprong.
Zelfs in de popcultuur duikt hij op: de Red Hot Chili Pepperskozen niet voor niets deze vurige vrucht als naam voor hun band.
Pepers zijn dus niet zomaar een pittig ingrediënt in de keuken. Ze zijn geschiedenis, cultuur, kunst, en soms zelfs een beetje magie. Van de oude Azteken tot mijn eigen moestuin in de Bourgogne: de rode peper is een kleine vrucht met een groot verhaal. 🌶️✨
🔥 Recept 1: Pure Sambal (basis, fris en pittig)
Met alleen de essentie: pepers, zout en azijn.
Ingrediënten:
250 g rode pepers
2–3 el grof zeezout
2 el natuurazijn (of rijstazijn)
Bereiding:
Voorbereiden:Was de pepers en verwijder eventueel de steeltjes. Voor extra milde sambal kun je de zaadjes deels verwijderen.
Malen:Doe de pepers met zout en azijn in een blender of vijzel en maal tot een grove of fijne pasta (naar voorkeur).
Bewaren: Schep de sambal in een schoon, gesteriliseerd potje.
Bewaar in de koelkast.
Deze variant is puur en heet, en blijft ca. 2–3 weken goed.
👉 Perfect om als basis te gebruiken en later uit te breiden met extra smaken.
🌶️ Recept 2: Rijke Sambal (zoet, hartig en in balans)
Een zachtere, aromatische sambal door de toevoeging van suiker, ketjap en gember.
Ingrediënten:
250 g rode pepers
2 tenen knoflook
2 cm verse gember (geraspt)
2 el bruine basterdsuiker
1–2 el ketjap manis
1 el tomatenpuree
2–3 el zonnebloemolie
snufje zout
Bereiding:
Snijden: Was de pepers, verwijder steeltjes (en eventueel zaadjes). Hak grof.
Fruit: Verhit de olie in een pan en fruit de knoflook en gember zachtjes. Voeg de pepers toe en bak kort mee.
Blenden: Doe het mengsel met de tomatenpuree, suiker, ketjap en zout in een blender en mix tot een gladde sambal.
Verwarmen: Giet terug in de pan en verwarm 10 minuten zachtjes.
Dit zorgt ervoor dat de sambal minder scherp wordt en meer als saus smaakt.
Bewaren: Schep in een gesteriliseerd potje. In de koelkast ca. 2–3 weken houdbaar.
👉 Heerlijk bij rijstgerechten, stoofpotjes, een tosti of zelfs een lepeltje in soep.
Mijn droom is om ooit mijn eigen olijven en olijfolie te produceren. Voor mij is de olijf één van de meest waardevolle ingrediënten: tijdloos, puur en veelzijdig. De olijfboom zelf blijft me fascineren, met zijn slanke blauwgroene blaadjes en de rijke geschiedenis die hij met zich meedraagt. Het voelt bijna symbolisch om dit project stap voor stap, met liefde en geduld, voort te zetten.
Maar mijn dromen gaan verder. Ik wil graag bijen houden en ooit de overgebleven honing uit de honingraten zelf bottelen. Ik zie mezelf ook paddenstoelen kweken en een botanische tuin aanleggen: een plek vol leven, waar insecten en vogels zich thuis voelen.
Het begint vaak met een klein zaadje in mijn hoofd, een gedachte die wortel schiet. En dan volgt de rest als vanzelf. Vandaag zag ik mijn allereerste olijven groeien. Een klein begin, maar het voelt als het startpunt van iets groters. En zoals met alles in de natuur: de rest volgt…
Het groene goud: mijn olijfboom en eerste olijven
Bij een heerlijk temperatuurtje van 25 graden staat mijn olijfboom te stralen – en vandaag ontdekte ik de allereerste olijven! Het blijft bijzonder: olijfbomen kunnen honderden jaren oud worden en pas na vier à vijf jaar echt rijkelijk vruchten dragen.
De boom zelf vind ik prachtig, met zijn blauwgroene, smalle blaadjes en eeuwenoude symboliek. De olijfboom staat niet alleen voor vrede, liefde en trouw, maar draagt ook de kracht van hoop, overwinning en een positieve toekomst. Als één van de oudste bomen ter wereld komt hij terug in talloze tradities.
Vroeger was een olijfboom een kostbaar bezit. Olijfolie – het ‘groene goud’ – werd eeuwenlang geroemd om zijn zuiverende werking en enorme waarde. Vandaag voelde ik mij rijk toen ik die kleine, groene vruchtjes zag verschijnen. Natuurlijk kon ik het niet laten om er meteen een aquarel van te maken. En ja, ik droom ervan om ooit mijn eigen olijven te oogsten én olijfolie te bottelen…
10 leuke weetjes over de olijf
🌳 Olijfbomen kunnen meer dan 1000 jaar oud worden. In sommige mediterrane landen staan nog exemplaren van ruim 2000 jaar.
🍈 De olijf is technisch gezien geen groente, maar een steenvrucht.
🫒 Verse olijven zijn niet eetbaar door de bittere stof oleuropeïne. Ze moeten eerst behandeld of gefermenteerd worden.
🌞 Olijfbomen hebben veel zonlicht en warmte nodig, maar kunnen verrassend goed tegen droogte.
🍃 Eén boom kan wel 20 tot 90 kilo olijven per jaar geven, afhankelijk van leeftijd en verzorging.
🫒 Er bestaan meer dan 1000 verschillende olijvensoorten, elk met hun eigen smaakprofiel.
🍸 De olijf wordt al sinds 3000 v. Chr. geteeld in de Middellandse Zee.
🫒 Olijven verschillen in kleur door de rijpheid: groene olijven zijn onrijp, zwarte zijn volledig gerijpt.
🌿 Olijfolie is rijk aan gezonde enkelvoudig onverzadigde vettenen antioxidanten.
🌍 Olijfbomen symboliseren vrede; een olijftak is wereldwijd hét teken van verzoening.
Olijven in een pot zetten (conserveren)
Om zelf geoogste olijven eetbaar te maken, kun je ze inleggen:
Bitterheid verwijderen: Olijven worden eerst een paar weken in water gelegd, waarbij je het water regelmatig ververst.
Pekelbad: Daarna gaan ze in een mengsel van water en zout (pekel) om verder te rijpen. Dit kan enkele weken duren.
Op smaak brengen: Voeg kruiden toe zoals knoflook, tijm, laurier of citroen.
Bewaren: Doe de olijven in gesteriliseerde potten en bewaar ze in hun pekel of in olie.
Hoe wordt olijfolie gemaakt?
De basisstappen voor olijfolie zijn verrassend eenvoudig, al vraagt het wel om de juiste apparatuur:
Oogsten– meestal in de late herfst, wanneer de olijven rijp zijn.
Wassen en malen – de hele olijven (met pit) worden gemalen tot een pasta.
Kneden– de pasta wordt rustig gekneed zodat de kleine oliedruppels samenkomen.
Persen of centrifugeren – hiermee wordt de olie van het water en de vaste delen gescheiden.
Filteren – de olie wordt helder gemaakt en klaar voor gebruik.
Het resultaat? Extra vergine olijfolie: het vloeibare goud dat al eeuwen symbool staat voor gezondheid en rijkdom.
“Elke olijf vertelt een verhaal, elke druppel olie een traditie.”
*Eindervaring & recept-tip:
Soms zijn de simpelste combinaties het allerlekkerst. Neem een goede olijfolie van topkwaliteit, een snufje zeezout en een verse baguette – meer heb je eigenlijk niet nodig om pure geluksmomenten op je tong te beleven.
👉 Nog twee heerlijke variaties:
Olijfolie & balsamico – een klein schaaltje met olijfolie, een druppel dikke balsamicoazijn erbij en wat versgemalen zwarte peper. Perfect om brood in te dippen.
Olijfolie met kruiden – meng olijfolie met fijngesneden rozemarijn, tijm, een beetje knoflook en een snuf chili. Even laten trekken en je hebt een geurige dip die naar de Middellandse Zee smaakt.
Simpel, eerlijk en altijd verrukkelijk – olijfolie in haar puurste glorie.
Op de route van Châttillon-en-Bazois via Alluy naar Saint-Saulge staat de watertoren met het gezicht (Château d’eau) die me iedere keer opnieuw lijkt te begroeten. Alsof er een vriendelijk gezicht op getekend is dat naar buiten kijkt, een herkenning, elke dag weer. Ik rij er bijna dagelijks langs en al vanaf het allereerste moment wist ik: deze moet ik vastleggen. Dat is dan de creatieve kunstenares in mij, die haar penselen wil pakken en de watertoren wil vereeuwigen.
Die gedachte bleef elke dag bij me, totdat ik uiteindelijk de stap zette om de watertoren te schilderen, eerst in aquarel en later op canvasdoek. Het voelde alsof ik niet zomaar een gebouw vastlegde, maar een stukje van mijn eigen dagelijkse beleving. Toch ben ik misschien nog wel trotser op wat er om het doek heen ontstond: mijn allereerste zelfgemaakte baklijst in barokvorm.
Met hulp van schoonzoon-lief, die de software schrijft voor onze 3D-printer, lukt het me nu om zulke details zelf te maken. Het raamwerk zaag ik met de hand, en de ornamenten komen tot leven met de cutter/printer. Het is voor mij een prachtige combinatie van ambacht en moderne techniek. Samen werken we zo aan iets dat niet alleen een lijst is, maar een verhaal: van langsrijden, zien, voelen en uiteindelijk creëren.
Ik hou van de uitbundigheid van de barokstijl, de diepe kleuren op het canvasdoek en dit jaar stonden er voor de watertoren zelfs velden vol zonnebloemen. Soms maak ik iets waarvan ik voel dat het móést ontstaan, iets waar ik zelf naar kan blijven kijken. Het schilderen zelf was niet moeilijk, maar de lijst wél. Juist daarom ben ik extra trots dat dit mijn allereerste zelfgemaakte baklijst is. En ik heb de smaak te pakken: er zullen er nog velen volgen, want zo’n lijst maakt het doek echt helemaal af, vind ik.
“Hebben jullie ook weleens een plek of detail gezien dat je zó raakte dat je het móést vastleggen – in een schilderij, een foto of misschien wel op een heel andere manier? Ik ben benieuwd naar jullie verhalen en wat jullie met trots hebben gemaakt of bewaard.”
“In juli, als de hitte alles vertraagt, is een ijsje (uit eigen tuin) het allerlekkerst.”
Elke Bourgondische zomer is het raak – dan begint het grote ijsjes maken! Wanneer de thermometer richting de 40 graden kruipt (zoals nu!), trek ik me terug in de koelte van de keuken en tover ik fruit uit de tuin om tot heerlijke verkoelende traktaties. Waterijs, fruitijsjes, en ook romige varianten, alles passeert de revue.
Eén van mijn favorieten is perenijs: fris, subtiel zoet en verrassend zacht van smaak. De peren voor mijn ijsjes zijn soms nog niet helemaal rijp in de tuin, dus koop ik dan biologische exemplaren – voelt altijd een beetje gek als je alles normaal zelf oogst uit moestuin of boomgaard. Maar: voor goede ijsjes mag dat best.
Behalve fruitijsjes maak ik ook speelse ijsjes, zoals bevroren plakjes banaan op een tapasprikker, even invriezen, dippen in gesmolten chocolade en daarna door gehakte nootjes halen. Superleuk om te doen, vooral met Lies – die dol is op manga en alles wat ‘kawaii’ is (lees: schattig). Daarom heb ik inmiddels een flinke verzameling schattige ijsvormpjes. Van mini tot maxi. En als je geen vormpjes hebt? Een leeg yoghurtbakje en een houten stokje volstaan ook.
Dit voorjaar maakte ik zelfs ijsjes met vlierbloesemsiroop. Eén variant met lavendel, één met citroen – beide verrassend verfijnd. En in mijn kookboek staan drie geliefde Franse familie-recepten voor ijsjes, inclusief een vrolijke aquarel van mezelf in het zwembad, gestippeld badpak, zwemband, ijsje in de hand… Je ziet het zomerplezier er zo vanaf spatten.
🍐 Recept: Perenijsjes (± 4 stuks)
Ingrediënten – 2 grote peren (geschild, zonder klokhuis, in blokjes – ± 250 g) – 1/4 biologische citroen (sap) – 1 eetlepel honing (ik gebruikte honing van de imker uit de Morvan) – 1 snufje fijn zeezout – 6 eetlepels water – 1 mokkalepeltje vanille-extract
Bereiding
Pureer alles in de keukenmachine tot een gladde massa. Je hebt ± 260 ml nodig.
Voeg eventueel een beetje water toe tot je op volume zit.
Giet het mengsel direct in de ijsvormpjes – perensap verkleurt namelijk snel!
Zet de stokjes erin en vries 4–6 uur.
Heb je geen stokjeshouder? Steek ze er dan na 1–2 uur in, als het mengsel al iets steviger is.
Houd de vorm even onder warm water om de ijsjes makkelijk los te krijgen.
💡 Tip van Pien: gebruik het liefst rijpe peren met een zachte smaak, en zorg dat je snel werkt na het pureren om verkleuring te voorkomen!
🍌 Extra leuk: mini-bananenijsjes met topping
Snijd banaan in plakjes, steek ze op tapasprikkers, vries 2 uur in, dip in gesmolten chocolade en rol door fijngehakte nootjes, kokos of granola. Nog even rechtop in een glas terug in de vriezer en klaar! Grotere ijsjes? Snijd dan grotere stukken banaan, zorg dat ze elkaar niet raken in het glas.
Zelf fruitijsjes maken is echt een feestje – zeker als het buiten zinderend heet is en de tuin uitpuilt van rijp fruit. Je kunt volop variëren: laagjes maken (watermeloen, kiwi, aardbei), siroop toevoegen, of zelfs met yoghurt experimenteren voor zachtere structuren.
En het mooie? Zo’n ijsje is klein… maar groots geluk in juli.
“Een ijsje is misschien klein, maar het is groot geluk – vooral als je het zelf hebt gemaakt.”
🍓 Suggesties voor goede fruitsoorten voor ijsjes:
Vlierbloesem/lavendel (voor siropen als smaakmaker)
👩🍳 Heb jij wel eens zelf fruitijsjes gemaakt? Wat zijn jouw favoriete smaken of combinaties? Laat het me weten – ik ben benieuwd naar jullie creaties!
“Onder de zinderende zon van de Bourgogne leven we langzaam, in de schaduw, met de zomer als metgezel.”
Op dit moment, om 16.16 uur, tikt de thermometer de 38 graden aan – en morgen wordt het nog warmer. De hitte maakt loom en sloom; in de middag komt er weinig uit mijn handen. Maar de was? Die gaat als een tierelier: binnen een uur droog aan de lijn. De grote tomaten in de moestuin verkleuren bijna waar je bij staat, van groen naar diep rood. Op de achtergrond speelt Radio Nostalgie z’n vertrouwde deuntjes en naast mijn laptop staat een glas frisse citronnade. In de koelte van ons authentieke Franse huis tik ik deze woorden, genietend van het langzame ritme van een zomer onder la canicule. Hier, op het platteland, geeft de natuur het tempo aan – trager, zachter, maar precies goed.
Frankrijk zit – net als een groot deel van Zuid-Europa – gevangen onder een hittekoepel. Dat gebeurt wanneer een krachtig hogedrukgebied het weer blokkeert. Vergelijk het gerust met een deksel op een kookpot: de lucht kan nergens heen en warmt razendsnel op. In Frankrijk geldt inmiddels in een recordaantal departementen code oranje, en ook in landen als Portugal, Spanje en Italië lopen de temperaturen richting of zelfs ruim boven de 40 graden. Op Sicilië is buiten werken tijdens de heetste uren zelfs verboden.
Hier leven we momenteel als mollen. Alle luiken zijn dicht en de dikke stenen muren (60 cm!) houden de warmte gelukkig nog enigszins buiten. De paarden staan met hun hoeven in het riviertje onder het bladerdek en zelfs de kippen zoeken de schaduw op in de bosjes — pas tegen de avond komen ze voorzichtig weer tevoorschijn. Zelf drink ik veel water en grote flessen citronnade staan klaar in de koelkast, soms met een takje lavendel of een beetje munt erbij, heerlijk verfrissend. Zware maaltijden slaan we over: op tafel komen frisse gerechten zoals salade niçoise. Uit de moestuin plukken we volop zomerfruit, vooral frambozen en blauwe bessen – eenvoudig en verrukkelijk.
Als we toch naar buiten moeten: zonnepet of hoed op, zonnebril, goed smeren en luchtige kleding – en dan: weren. Rondom ons oogsten de boeren inmiddels het verdroogde koolzaad en de tarwe, grote stofwolken stijgen op van de velden, overal liggen strobalen. ’s Avonds klinkt het orkest van cicaden onder een zwoele, warme hemel. Slapen is wat lastiger met die aanhoudende hitte, dus rekken we de dag gewoon een beetje op, en soms is een siësta helemaal zo gek nog niet. Tussen alle bedrijvigheid door heb ik ook nog twee tropische aquarellen gemaakt in mijn schetsboek — puur voor de ontspanning.
Mijn recept van vandaag: Salade Niçoise — een zomerse klassieker die perfect op tafel past, vergezeld van een glaasje huisgemaakte citronnade.
🥗 Salade Niçoise – het recept
Ingrediënten (voor 2–3 personen):
2 handjes jonge sperziebonen (eventueel haricots verts), kort gekookt en afgekoeld
“Wie omhoog kijkt, ziet altijd meer dan wat voor hem ligt.”
Het Parc Naturel Régional du Morvan, gelegen in het hart van Bourgogne-Franche-Comté in Midden-Frankrijk, is sinds 17 juni 2025, officieel uitgeroepen tot “Réserve Internationale de Ciel Étoilé” – een zeldzaam en eervol label dat slechts 24 keer wereldwijd is toegekend. Daarmee is de Morvan niet alleen een paradijs voor wandelaars en natuurliefhebbers, maar nu ook voor sterrenkijkers.
Dit sterrenreservaat ontstond dankzij jarenlange inspanningen van onder andere de Société Astronomique de Bourgogne en lokale overheden. Het Morvan-gebied staat bekend als een van de donkerste plekken in Frankrijk – ideaal om met het blote oog de Melkweg, planeten en zelfs vallende sterren te bewonderen.
Voor mij is dit label extra bijzonder. Ooit gaf ik mijn broer een ster – een klein hemellichaam dat nu zijn naam draagt. Met mijn vader keek ik vroeger door een grote telescoop naar de sterren. Hij wees me de Grote Beer aan, ofwel Ursa Major, en vertelde hoe die sterrenbeelden elk hun verhaal hebben. Ik herinner me zijn uitleg over de poolster, zwarte gaten en het ronddraaien van het heelal. We keken samen naar Star Wars en Star Trek – ik begreep lang niet alles, maar ik vond het magisch.
De Morvan is precies de plek waar je nog in verwondering naar de hemel kunt staren zonder storend licht. En laat het nu juist deze plek zijn waar ik woon. Toeval? Of de sterren die hun werk doen? Ik geloof graag dat het zo heeft moeten zijn. 🌟
“De hemel liegt nooit – je hoeft alleen maar omhoog te kijken.”
“Creativiteit is het zonlicht van de geest — laat het stromen en iets moois bloeit vanzelf op.”
Op zaterdag 14 juni organiseren wij, het team van Coukoe Lifestyle – Lies en Pien – weer een fantastische creatieve workshop met als thema: de zonnebloem. We schilderen met acrylverf op canvasdoek, en als het weer meezit doen we dat lekker buiten in de zon. Is het wat minder, dan wijken we gezellig uit naar binnen.
De zonnebloem is een krachtig symbool van licht, leven en groei, met haar open houding naar de zon. Ze staat ook voor optimisme en doorzettingsvermogen, en is daarom een geliefd onderwerp in de kunst. Niet voor niets wordt de zonnebloem vaak geassocieerd met Vincent van Gogh, wiens beroemde reeks zonnebloemschilderijen tot zijn meest iconische werken behoort.
Tijdens de workshop werken we stap voor stap, eventueel met mallen voor wie dat prettig vindt, maar er is alle ruimte om je eigen creativiteit te volgen — van klassieke zonnebloem tot een ware Picasso-bloem!
De workshop duurt 3 uur, inclusief een lekker hapje en drankje. Kosten zijn €35,- p.p., maar als je met vier personen of meer komt, betaal je slechts €20,- per persoon.
Kom je ook zon en kleur vangen op het doek?
“Iedere zonnebloem kijkt naar het licht — iedere kunstenaar volgt z’n eigen richting.”
Informatie en inschrijven kan via het contactformulier. Omdat we met kleine, gezellige groepjes werken, kan de workshop snel vol zitten. Is er geen plek meer op 14 juni? Dan plannen we in overleg graag een alternatieve datum met je in.